Heb je als energie bewuste burger nog interessante en bruikbare tips, laat het ons dan weten. Zo kan elke bezoeker van jou tip gebruik maken om zijn/haar energieverbruik te laten dalen. We hebben hier al 373 tips bij elkaar gebracht.
Alvast bedankt voor jou bijdrage!
TIP 1:
Elke woning zou moeten worden uitgerust met een voorraadkamer. Wij hebben de goede gewoonte om slechts 1 keer om de maand (soms iets vaker) naar de supermarkt te gaan. We doen dan onze inkopen voor een langere periode en slaan de extra’s op voor later. Je krijgt bij grote hoeveelheden meestal meer korting dan bij kleine hoeveelheden. Bovendien moet je minder vaak met de wagen naar de supermarkt rijden, zodat je op transport ook nog eens bespaart.
Voor een kleine vergetelheid of snelle inkopen gaan we dan te voet naar de buurtwinkel. Daar is ook alles vers maar duurder om grote inkopen te doen.
TIP 2:
Plaats een tijdschakelaar tussen het stopcontact en de adapter van de kruimeldief. Deze heeft voldoende aan een oplaadbeurt ’s nachts. Bovendien vermijd je zo dat de lekstromen van de adapter deze te fel verwarmen en dat je voor niks duur dagtarief verbruikt.
TIP 3:
Gebruik heroplaadbare batterijen voor alle afstandsbedieningen en andere kleine elektronische spullen. Heroplaadbare batterijen zijn duurder in aanschaf, maar je haalt de meerprijs na enkele keren opladen er volledig uit. Kies altijd voor NiMH (Nikkel MetaalHydride) of LiIon (Lithium Ion), nooit voor oude NiCd (Nikkel Cadmium). Deze laatste soort is na enkele laadbeurten al een deel van het oplaadvermogen kwijt. Een NiMH heeft dit probleem veel minder. LiIon is het beste van alle drie, maar ook het duurste! Let op, Lithium-batterijen zijn niet bestand tegen vrieskou. Ze verliezen dan hun vermogen. Na acclimatisatie op kamertemperatuur komt het vermogen terug. Eigenaars van Li-Batterijen van bijvoorbeeld videocamera’s, waar ’s winters wordt gefilmd, zullen gemerkt hebben dat de batterij plotseling plat was.
TIP 4:
Vraag bij de aankoop van een toestel niet alleen naar de mogelijkheden en de snufjes, maar ook naar het vermogen (elektrisch verbruik). Dit klinkt als een gekke vraag (en je gaat het vermogen moeilijk achterhalen in een winkel), maar dat wil niet zeggen dat het niet zinvol is.
TIP 5:
Probeer zoveel mogelijk adapters van het net los te koppelen. Koop of huur een verbruiksmeter en controleer alle verbruiken. Van sommige toestellen ga je aangenaam verrast zijn, van andere toestellen dan weer niet.
TIP 6:
Als je een rekenmachine koopt, waarom dan geen type op zonne-energie? Deze toestellen werken even goed, zijn niet echt duurder in aanschaf, maar ze zullen nooit zonder stroom vallen.
TIP 7:
Laat de natuur je een handje helpen. Een hoge haag zal de wind afremmen en zal de buitenmuur beschermen. Een boom voor een huis kan dan weer voor de nodige schaduw zorgen. In de winter (als de boom zijn blaren kwijt is) komt de zon binnen, in de zomer zorgt diezelfde boom voor schaduw. Bovendien zorgt een boom voor CO2 opname en helpt elke boom het broeikaseffect bestrijden.
TIP 8:
Rij defensief met de auto en anticipeer op het verkeer. Zodoende moet je niet zo vaak bruusk in de remmen. Sportief rijgedrag zorgt voor een pak meer verbruik. Sluit ook de vensters en verwijder fietsenrekken en dakkoffers als die niet meer gebruikt worden. Met open ramen rijden is ongezonder dan airco in de wagen, open ruiten remmen de auto ook af door de slechtere aerodynamica van het voertuig.
TIP 9:
Als je nog een zaklamp moet kopen, neem dan een “groene” variant. Deze zaklampen geven na 1 minuut draaien aan de hendel licht gedurende een half uur. Dit wordt mogelijk gemaakt door het toepassen van LED-verlichting in de zaklamp. Door zulke stappen te ondernemen kan je de hoeveelheid batterijen in huis terugdringen.
TIP 10:
U kunt koffiedik in uw GFT-bak gooien, maar door regelmatig koffiedik in uw gootsteen te doen en door te spoelen zorgt u ervoor dat de afvoerleidingen proper blijven en minder snel verstoppen. Koffiedik is dus een milieuvriendelijke en goedkope ontstopper van afvoerleidingen.
TIP 11:
Door gebruik te maken van de wasbal hoef je geen schadelijke wasmiddelen te gebruiken. Op jaarbasis bespaar je zo tot €200. Enkel de bal tussen het wasgoed doen. Wij hebben onze wasbal bij Gamma gekocht. Onze ervaring is echter dat de wasbal ervoor zorgt dat je MINDER waspoeder kunt gebruiken. Volledig zonder waspoeder geeft niet altijd het gewenste resultaat.
TIP 12:
Wij zijn (na heel wat rekenwerk) tot de vaststelling gekomen dat zelf je brood maken stukken goedkoper is als bij de bakker. Bovendien is je brood vers (veel bakkers blijken diepvriesbrood te serveren). Volgens onze mening is het brood ook lekkerder. Klik HIER om het recept te downloaden.
Hier volgt de berekening voor het brood dat wij maken (duurdere versie dan gewoon wit). Wij bestelden bij de bakker altijd “prairiebrood”. Voor een klein broodje komt dat al gauw op €2,80. (U leest het goed). En het bericht dat de prijzen gaan opslaan door de slechte graanoogst is geen goed nieuws. We zijn trouwens benieuwd of er volgend jaar (bij een geslaagde graanoogst) nog wel sprake zal zijn van een prijsdaling! Waarschijnlijk zal deze verdoken prijsstijging verdoken blijven.
Dus dan maar bloem halen om zelf prairiebrood te bakken.
Meel voor prairiebrood= €4,99 voor 2,5kg = is goed voor 10 broden
Biologische meelverbeteraar= 5,59 voor 750gr = is goed voor 30 broden
Witte bloem= €0,7/kg of €1,75 voor 2,5kg = goed voor 10 broden
Dus totaal ongeveer 600 bloem en verbeteraar per brood! Tel daar nog je wate, gist en boter bij en je hebt een volwaardig brood.
De elektriciteit is cEUR 9,33/kWh (nachttarief)
Onze oven heeft een maximaal verbruik van 3,45kWh (dit is met gril, maar we nemen het slechtste scenario)
Baktijd van de broden is 45 minuten, dus voor 10 broden is dat ongeveer 7 uren
Verhouding brooddeeg= 250gr prairiebloem + 250gr witte bloem + 25gr meelverbeteraar (De rest is water, zout en gist)
Gist hoeft ook niet duur te zijn, namelijk €0,2 per 200 gram (groothandelprijs). Je kunt dus beter grote hoeveelheden kopen en het versnijden in bruikbare hoeveelheden. Neem een staaldraad en maak het uiteinde vast aan twee houten stokjes. Snij met de staaldraad de grote klomp gist in kleine stukjes en verpak het in aluminiumfolie. Bewaar de gist vervolgens in de vriezer. Per brood volstaat 15 gram gist, dus per 200 gram kan je gemiddeld een 13 à 15 broden halen. Dit is dus een lage kost in vergelijking met de rest van de producten.
Voor het bakken van 10 broden komt het dus neer op:
- €1,86 voor de verbeteraar
- €4,99 voor de prariebloem
- €1,75 voor de witte bloem
- €2,25 voor de elektriciteit (in het slechtste geval)
- TOTAAL = €10,85 voor 10 broden of €1,085 per brood!
Dit is dus een prijsverschil van €28 (10x €2,80 bij de bakker voor het prairiebrood) – €10,85 = €17,15 winst
Dus per brood is het €1,715 goedkoper, of met andere woorden 2,58 keer goedkoper als je zelf bakt! (Inclusief onkosten zoals elektriciteit).
Bovendien geeft deze methode een gezonder en lekkerder brood (dat ook verser is). Je moet 10 keer minder vaak in de auto springen. (10 keer naar de bakker of 1 keer naar de winkel voor bloem), waardoor je weeral minder de auto moet gebruiken. In deze prijsberekening zit dus geen 9 extra vervoerskosten berekend (als je naar de bakker gaat). Dus het brood van de bakker is in verhouding nog duurder dan hier staat aangegeven. (trouwens, korte afstanden met de auto naar de bakker verbruikt veel meer dan dezelfde afstand met de wagen afleggen op de autosnelweg!).
- Een nuttige tip (als je een moderne oven hebt met klok) is om het brood 3 uren voordat je opstaat te laten afbakken door de oven. Dat sta je op met een verse tas koffie, je bakt nog op nachttarief en je huis ruikt naar vers brood!
- Je kunt je echt laten gaan en vele varianten maken zoals suikerbrood, chocoladebrood, notenbrood enz. Er bestaan speciale soorten chocoladekorrels en suikerkorrels om in brood te verwerken. OPGELET. Eerst het brood goed kneden, vervolgens een kleine hoeveelheid deeg opzij leggen (de grootte van een grote frikandel), nadien de chocolade-of suikerkorrels toevoegen en goed mengen. Nu ga je het stukje deeg (dat apart is zonder korrels) platdrukken met een deegrol en het als een jasje om het andere deeg doen vooraleer het in de vorm gaat. Zo voorkom je dat de chocolade-of suikerkorrels aan de bakvorm gaan kleven, waardoor je het brood niet uit de vorm kunt halen! Laat het brood in de vorm 10 minuten afkoelen en haal het dan uit de vorm. Je zult geen mes nodig hebben.
- Voor gewoon brood kan je de bovenkant met lauw water instrijken. Voor suikerbrood of chocoladebrood smeer je de bovenzijde van het brood in met eigeel.
TIP 13:
Om de effectiviteit van je radiatoren te verhogen is het belangrijk dat je (met een speciaal meegeleverd sleuteltje) de radiatoren ontlucht en de waterdruk van de installatie bijstelt. Vooral horizontaal opgestelde radiatoren hebben soms last van luchtophoping. Van zodra het sissende geluid (lucht) ophoud kan je het ontluchtingsventiel terug sluiten. (Opgelet, deze lucht kan schadelijk zijn, dus best niet inademen; en nadien elke kamer 15 minuten verluchten).
Opgewarmde lucht (in plaats van water) zal zijn warmte niet afgeven aan de radiator, zodat de ruimte minder snel zal opwarmen. Een goed gevulde radiator (zonder lucht) werkt dus beter.
TIP 14:
Zo kan je zelf eenvoudig lekkere limonade maken. Pers 2 verse citroenen uit. Giet het sap in een groot glas en voeg er 2 eetlepels witte kristalsuiker aan toe. Vul de rest van het grote glas met bruiswater (Bru werkt zeer goed). Roer nu alles goed rond en je hebt lekkere en gezonde limonade zonder conserveer middelen.
TIP 15:
Je kunt voor de kinderen (en natuurlijk ook jezelf) lekkere pannenkoeken maken. Meestal is het probleem echter dat ingevroren pannenkoeken na het heropwarmen hard worden. Je kunt dit probleem oplossen door te kiezen voor havermoutpannenkoeken. En geloof me, ze smaken beter dan de gewone versies. Klik hier om het recept te downloaden.
Je kan de overschot per 5 verpakken en invriezen. Zo weet je ook perfect hoeveel je er uit de vriezer haalt, zonder echter teveel te moeten ontdooien.
TIP 16:
Je kunt water in de keuken heel eenvoudig recycleren. Giet het kokende water van de aardappelen of deegwaren niet weg, maar giet het in een andere kom. Nadien giet je het hete water in de braadpan en/of sauspan (als ze leeg zijn). Het hete water zal het schoonmaken van een aangebakken pan of kom vereenvoudigen. Dus, schep het eten uit, giet het hete water in de kommen en pannen en laat dit rusten tot na de maaltijd! Nadien is het schoonmaken met de hand of via de vaatwasser veel effectiever.
TIP 17:
Maak gebruik van een zeeppompje in de douche om je douchegel of shampoo te doseren. Je kunt deze zeeppompjes vinden in de meeste doe-het-zelf-zaken. Door gebruik te maken van een zeeppomp ga je nooit teveel douchegel of shampoo gebruiken en dus minder producten verbruiken. Bovendien help je hierdoor niet alleen je portemonnee maar ook het milieu, aangezien er minder detergenten in de natuur terecht komen. Sommige zeeppompjes kan je ook in de douche omhoog hangen, waardoor je niet onverrichterzake terug uit de douche moet om je zeep te gaan halen.
TIP 18:
Om zelf een Bretoense appeltaart te maken heb je niet veel nodig. Volg hier ons recept en smul van de lekkere taart. Voor mensen die zelf appelbomen in de tuin hebben staan, kunnen op deze manier genieten van de eigen vruchten. Indien je ook (zoals wij) biologisch gaat tuinieren, dan weet je dat deze taart ook gezond is en geen ongewenste chemicaliën bevat.
TIP 19:
Je kunt ervoor zorgen dat je vleesconsumptie daalt (en hierdoor ook je ecologische voetafdruk) alsook dat je kinderen stiekem groeten eten, door wortelgehaktballen te maken. De smaak verschil niet, maar je smokkelt wel gezonde voedingsbestanddelen bij in het vlees. Klik hier om het recept te downloaden.
TIPS VERWARMING:
- Zorg dat je radiatoren goed verlucht zijn (purgeren in de volksmond). Een radiator die lucht bevat zal veel moeilijker zijn warmte afgeven aan de omgeving. Transport van warmte-energie gaat 25x sneller doorheen een vloeistof dan door lucht. Begin onderaan de woning en werk ze allemaal af naar boven in de woning toe.
- Kies voor een aardgasketel zonder waakvlam. Een waakvlam kan tot 150m³ per jaar verbruiken. Moderne ketels werken met een elektronische ontsteking die voelt wanneer er warm water wordt gevraagd. De duurdere ketels hebben ook een opslagvat van bijvoorbeeld 60L om sneller, eigenlijk onmiddellijk warm water te kunnen leveren. Deze ketels zijn wel comfortabeler maar ook duurder in aanschaf.
- Een doorstroomtoestel gaat enkel de hoeveelheid warm water opwekken dat wordt gevraagd en niet meer. De toestellen zijn wel trager dan een toestel met buffer (lager debiet), maar daartegenover staat dat ze zuiniger zijn.
- Kies voor een condensatieketel om nog minder te verbruiken. De latente warmte van de uitlaatgassen worden eveneens gebruikt. Opgelet, deze ketels werken alleen goed op lage temperatuur. Je hebt dus voldoende oppervlak nodig om die lage temperatuur te verdelen. Vloerverwarming of muurverwarming is hiervoor prima, maar ook grote staande radiatoren zijn geschikt. Gewone of ondergedimensioneerde modellen echter niet.
- Laat regelmatig de schouw nakijken, zeker bij mazout of hout. Bij aardgas is dit echter niet noodzakelijk, aangezien er geen roetafzetting is zoals bij stookolie.
- Laat de temperatuur op de thermostaat één uur voor het slapen gaan zakken tot de nachttemperatuur. De binnenmuren en andere voorwerpen (alsook de lucht) zullen nog zeker gedurende een uur hun warmte afgeven.
- Zorg voor een correcte druk op de waterketel om te vermijden dat het rendement van de ketel naar beneden gaat. Dit geldt ook voor de druk op de radiatoren. Te laag is niet goed, te hoog evenmin. 1 à 1,5bar is in de meeste radiatorsystemen voldoende. Waterdruk voor sanitair is gewoonlijk circa 4 bar.
- Stockeer hout en pellets op een zo droog mogelijke plaats. Het rendement van je kachel zal gevoelig stijgen. Dit is voor pellets nog meer het geval dan voor hout.
- Maak je pelletkachel regelmatig schoon. Een vol reservoir zal ervoor zorgen dat de kachel meer tijd nodig heeft om de pellets te ontsteken. Hierdoor gaat het elektrisch verbruik van de kachel bij de opstartfase omhoog.
- Zorg dat je gekleed bent volgens het seizoen. Een dikke trui binnen is niet overdreven. Het zal vermijden dat je de verwarming schandelijk hoog moet instellen.
- Je houdt best je handen af van elektrisch verwarmen, ook het elektrisch bijverwarmen van bijvoorbeeld een badkamer. Deze toestellen vreten stroom en zijn zeker niet rendabel.
- Sluit de deuren zodat dat warmte in de verwarmde ruimten niet verloren gaat.
- Laat de koelkast geen half uur open staan. De inhoud van de koelkast warmt op en je hebt elektrische energie nodig om het voedsel terug af te koelen, anderzijds zal de koude lucht de woning weer afkoelen zodat je moet bijverwarmen.
- Zorg dat je woning niet te vochtig is. Je hebt veel meer energie nodig om vochtige lucht op te warmen. Houdt de luchtvochtigheid onder 50%. Hoe lager hoe beter. Indien je met een vochtprobleem zit kan je dit best eerst aanpakken. Je zult als gevolg zien dat je energiefactuur (voor verwarming) zal dalen. Bovendien voelt vochtige lucht sowieso killer aan dan droge lucht. Wie uit bad komt zal ook kou hebben. Dit komt omdat een nat lichaam sneller warmte verliest.
- Laat de verwarming niet de ganse dag draaien als je van huis bent. Een moderne woning is vrij snel terug op temperatuur. Vele thermostaten hebben trouwens een interne klok, zodat je je stookregime kunt programmeren. Bij ons springt de kachel op van 6 tot 8 uur ’s ochtends en terug van 16u tot 23u. Indien we dus terug thuiskomen van het werk is onze woning terug op termperatuur.
- Ga op zoek naar alternatieven voor stookolie (en zelfs aardgas) vooraleer het te laat is. Het einde van de aardgasreserves zijn nog niet in zicht, maar vele analysten voorspellen toch een eind voor de verwerking van aardolie. Nieuwe woningen zullen het tijdperk meemaken dat stookolie (en andere olieproducten) niet meer voorradig zullen zijn. Aardgas heeft nog voor honderden jaren reserve, maar dat hangt natuurlijk af van het toekomstige verbruik.
- Maak gebruik van je beglazing. Laat de zon zoveel mogelijk binnen tijdens de overgangsseizoenen om je woning op te warmen. Het is gratis energie.
- Zorg voor een goede zonnewering in de zomer. Rolluiken krijgen de voorkeur omdat ze niet alleen de hete zon in de zomer buiten houden, maar ook de dieven meer werk geven en de warmte binnenhouden in de wintermaanden.
- Heb je al eens geprobeerd om je verwarming een graadje lager te zetten? Het zal tot 7% energie besparen, wat met de huidige energieprijzen wel spectaculair is.
- Is de verwarming van de woning stuk en je wilt toch de woning tijdelijk verwarming? Je kunt dan gebruik maken van een bijverwarming, maar wees hier uiterst voorzichtig mee. Deze soorten verwarming zijn vaak de oorzaak van woningbrand!
Je kunt ook een terracota bloempot omgedraaid over een gasbek van het fornuis of elektrische kookplaat plaatsen. Deze potten warmen dan op en stralen warmte af. Opgelet!!! Dit zijn noodoplossing voor zeer strenge winters als de verwarming het laat afweten en je geen alternatieven meer hebt!!! ps: vergewis je ervan dat het een terracotapot is en geen PVC-pot die gelijkt op een terracotapot! - Respecteer gezonde temperaturen in de woning en zorg voor voldoende ventilatie. Ventilatie gaat onder andere vocht in de woning afvoeren. Een slaapkamertemperatuur van 18°C is perfect. In een bureel volstaat een temperatuur van 21°C. In de leefruimte is 21 à 22°C het meest aangenaam. 20°C, zoals op vele plaatsen wordt gesuggereerd, voelt voor de meeste mensen veel te koud aan in de winter. In een badkamer is een temperatuur van 22°C zeker gewenst.
- Zorg voor voldoende ventilatie. Je kunt werken met een gedwongen ventilatie (al dan niet centraal opgesteld) of een natuurlijke ventilatie via kipstand van de ramen. 2x per dag de ramen van de slaapkamers op kipstand gedurende 15 minuten is ruimschoots voldoende voor een goede verluchting en om alle binnenlucht te vervangen, zodat dat de woning hiervan noemenswaardig gaat afkoelen. Let wel op wanneer je gaat ventileren. Bij SMOG, ozon en mist kan je beter de ramen tijdelijk gesloten houden.
- Om de venster van de pelletkachel te reinigen kan je het beste effect bereiken door eerst met een nat doek de venster proper te maken en vervolgens met droog keukenpapier de ruit af te kuisen totdat alle strepen verdwenen zijn. Hierdoor kan je dagenlang genieten van een propere ruit en het is bovendien niet schadelijk, aangezien je geen chemische producten aanwendt. Deze speciale reinigingsproducten zijn ook vrij kostelijk.
- Om de as in de kachel op de zuigen bestaan speciale grote blikken potten die je op de stofzuiger kunt monteren. Dit systeem is heel effectief voor een haard, een barbecue of een houtkachel. Maar het is totaal zinloos voor een pelletkachel. De as bestaat uit zulke kleine partikels, dat deze gewoon rondcirculeren in deze pot en toch worden opgezogen in de stofzuiger, waardoor de vulzak van de stofzuiger het begeeft. (Onze stofzuigerzak is op deze wijze geëxplodeerd, met een huis vol stof als gevolg!). Je kunt best gebruik maken van een stofzuiger zonder zak en voorzien van een HEPA-filter (anti-allergie-filter). Na het reinigen kan je dan de opvangbak leegmaken, zonder dat er schade is aan je stofzuiger.
- Je moet niet wachten totdat het pelletreservoir leeg is om pellets bij te vullen. Vanaf het ogenblik dat je de schuine onderzijde van de opvangbak kunt zien, mag je al een nieuwe zak pellets in de kachel gieten. Elke zak pellets bestaat uit 15kg, maar het reservoir kan 18 à 20kg pellets aan.
- De temperatuurssensor is een beetje oefenen. Als we de kachel op “ROOM 20″ zetten (20°C binnentemperatuur), dan zal de kachel bij 22°C afspringen. Bij ROOM 21 stopt de kachel pas rond 23°C. De grootte van de woonkamer alsook de isolatiewaarde van de muren zullen dus blijkbaar een belangrijke rol spelen en de werking van de sensor. Een beetje experimenteren is hier aan de orde, maar eenmaal je het weet is er geen enkel probleem en werkt het prima.
- De opgevangen as moet je zeker niet in de prullenmand gooien. Strooi het tussen de bloemen of meng het met potaard, want het is een prima meststof. Je bloemen zullen je dankbaar zijn.
- Bewaar de pellets op een droge plaats. Als je geen ruimte in huis hebt, kan je ze ook buiten bewaren. Gebruik hiervoor een grote plastic tuinkast. (deze tuinkasten worden ook gebruikt om tuinstoelen in op te bergen). Wij hebben er zo eentje in de tuin staan en de pellets blijven perfect droog.
TIPS WATER:
- Gebruik leidingwater als drinkwater. Het is letterlijk duizenden keren goedkoper dan flessenwater en de kwaliteit hoeft niet onder te doen. Ruikt het water teveel naar chloor? Doe het dan eerst in een kan en laat het gedurende meer dan een uur ontluchten.
- Gebruik regenwater waar het kan. Bij nieuwbouw hou je er best rekening mee dat de toiletten en de wasmachine op regenwater kunnen worden aangesloten. Het water is zachter voor het wasgoed en je moet dus ook minder waspoeder toevoegen.
- Neem zoveel mogelijk een douche in plaats van een bad. Maak in de douche gebruik van een spaardouchekop. Deze verbruik de helft minder water, zonder dat dit de douche-ervaring benadeelt.
- Zorg dat er geen kranen of toiletten lekken in huis. Op jaarbasis kan je hierdoor anders veel geld verliezen. Indien je in het toilet rimpelingen zit (na een tijdje) wil dit zeggen dat het toilet lekt. Indien een kraan na 3 minuten geen druppel vertoont mag je ervan uitgaan dat ze niet lekt.
- Gebruik een thermostaatkraan in douche en bad. Je bereikt zo sneller je gewenste temperatuur en hierdoor laat je niet onnodig water wegvloeien.
- Laat geen water stromen terwijl je je tanden poetst. Je kunt beter water in een beker doen en hiermee spoelen.
- Voor het plasje kan je de knop terugduwen. Dit is best enkel gewenst indien je geen wc-papier hebt gebruikt.
- Zorg dat het warm water staat afgesteld op 60°C. Indien de temperatuur te hoog is ingesteld, gaat de boiler sneller aankalken. Bij te lage temperaturen bestaat er het gevaar op legionella-bacterie. (beter gekend als de veteranenziekte).
- Wil je dat je toilet minder water verbruikt, probeer dan eens door een baksteen in de spoelbak te leggen. Controleer wel of het spoelen nadien nog adequaat is. Let wel op dat je het intern mechanisme van de spoelbak niet hindert!
- Maak gebruik van een espressomachientje om koffie te zetten. Zo vermijd je dat er teveel koffie wordt gemaakt, die dan toch later moet worden weggegoten. Bovendien smaakt een espresso beter dan gewone koffie.
.
Tips om kokend water te hergebruiken. - Na het bereiden van de gerechten kan je het kokende water in de pannen of kommen gieten. Hierdoor gaan aangebakken etensresten sneller loskomen en is het afwassen van je vaat stukken eenvoudiger.
- Je kunt het kokende water ook op de oprit uitgieten, voornamelijk op het onkruid tussen de klinkers. Het hete water zoekt zichzelf een weg naar beneden en gaat aldus de wortels van het onkruid verbranden.
- Je kunt natuurlijk ook eenvoudig het water gebruiken voor verschillende gerechten. Zo denken we aan het afkoken van je groenten, waarna je de groenten uit het water vist (gaat eenvoudiger met een zeefkom; wordt gebruikt voor het koken van deegwaren) om er vervolgens de aardappelen mee te koken. Ook dit is een besparing.
- Je kunt ook het hete water opsparen in een thermos om er achteraf nog iets mee te doen, denk maar aan het vullen van een voetverwarmer (beter gekend als een bouillot), of het vullen van een verdamper om hier later een vickx-geurtje erbij te doen. Vervolgens kan je dan met een handdoek boven je hoofd je neus open maken met de dampen.
- Je kunt het kokende water ook hergebruiken voor het dessert, meer bepaald voor Bain Marie systeem (een kommetje om hierin sauzen te smelten). De echte dessertkenners weten wat we hiermee bedoelen.
- Met het laatste systeem kan je ook met Eau Bain Marie het eten warm houden op bijvoorbeeld feestjes.
- Je kunt het kokende water verdelen over 2 of meer emmer, zodat je de auto niet moet wassen met ijskoud water.
- Hobbyisten kunnen het kokende water gebruiken om kaarsvet te smelten en zelf kaarsen te maken (weer Bain Marie systeem).
TIPS TOESTELLEN:
- Koop een Tv-toestel dat in je woonkamer past. Hoe groter de diameter van een toestel, des te meer energie het zal verbruiken. Wil je echter genieten van een extra groot scherm en niet naar de cinema gaan? Koop dan een grote DLP-tv. Deze toestellen verbruiken niet meer energie dan een doorsnee LCD-toestel. Wil je milieuvriendelijk TV kijken? Koop dan zeker geen plasmatoestel, want deze apparaten zijn de grootste energievreters, met een vermogen dat tot een veelvoud is van het verbruik van een LCD-tv.
- Schakel de TV na het kijken volledig uit. Laat het toestel niet in stand-by stand staan. Op jaarbasis betekent dit tientallen euro’s uitgespaard. Ontneem ook je digibox de stroom als je die niet meer nodig hebt. Vraag eveneens na hoeveel energie een digicorder gaat verbruiken vooraleer je het aanschaft. Sommige toestellen hebben een harde schijf die continu opneemt en wist.
- Let op met het ontnemen van stroom aan de videorecorder of HDD-recorder. Deze toestellen kunnen hierdoor ontregelt geraken. Een HDD recorder krijgt de voorkeur, aangezien het aandrijven van een band meer energie vergt. Bovendien is het werken met een harde schijf aangenamer (sneller en eenvoudiger) en moet je geen videobanden meer aanschaffen om je favoriete programma niet te moeten missen. De videobanden moeten dan ook niet meer worden gemaakt, wat weer de druk op het milieu en de portemonee verligt (op langere termijn wel te verstaan).
- Meten is weten. Huur of koop een verbruikersmeter en ga na welke toestellen het meeste energie verbruiken. Vervang oude energieverslindende toestellen door zuinige nieuwe toestellen. Alle apparaten die gemaakt zijn voor het jaar 2000 mag je beschouwen als oud en bijgevolg energieverslindend. Vooral apparaten als een koelkast en diepvriezer zijn de grootste energieverliezers.
- Plaats diepgevroren vlees en ander voedsel eerst in de koelkast om het langzaam te laten ontdooien. De voedingswaren geven in de koelkast hun koude af en koelen bijgevolg de koelkast tijdelijk mee af, waardoor deze minder energie nodig heeft om koel te blijven. Bovendien vermijdt je zo dat je het voedsel moet ontdooien met de microgolfoven (magnetron). Vooruitzien is dus de boodschap.
- Koken op elektriciteit is een zeer dure oplossing. Oude kookplaten zijn het allerslechtst, gevolgd door vitrokeramisch. Iets beter zijn de inductiekookplaten, maar het allerbest is koken op aardgas. In ons geval betekent dit een besparing van 1700kWh elektriciteit op jaarbasis. Daarentegen staat dat het verbruik van aardgas nauwelijks is gestegen door het koken op gas, in tegendeel.
- Neem voor het koken alleen de hoeveelheid water die je echt nodig hebt. Bij een lagere hoeveelheid water om bijvoorbeeld groeten te koken, bespaar je energie. Vergeet ook niet om altijd te koken en te bakken met het deksel op de kom of pan. Zorg dat de vlam niet voorbij de onderkant van de pan komt, anders kan je het handvat van de pan beschadigen. Bovendien gaat er kostbare energie verloren als de vlam voorbij de onderzijde van de kom of pan komt. Hetzelfde geldt voor vitrokeramisch koken. Zorg dat het rode licht van de vitrokeramische plaat net niet zichtbaar is. Dan heb je de juiste plaatsing.
- Een temperatuur van -18°C is voldoende koud voor een vriesvak of diepvriezer. Wie nu een nieuwe diepvriezer koopt, kan opteren voor een geventileerde versie. Hierdoor zal de binnenzijde van de diepvriezer minder snel aanslaan met ijs. Zorg ervoor dat je diepvriezer voldoende vaak wordt schoongemaakt en ontdaan van alle ijs. Een laag van meer dan 2mm zal al voor een forse energiestijging zorgen.
- Leg de inhoud van schuiven van de diepvriezer in de koelkast, zodat de etenswaren niet zo snel opwarmen. Bovendien helpt dit de koelkast om minder energie te verbruiken. Herhaal dit proces voor alle schuiven. Je kunt ook best je diepvriezer ontdooien en kuisen in de wintermaanden, aangezien alle etenswaren dan eventjes kunnen worden buiten gelegd (als het vriest). Gebruik een doek met heet water om de diepvriezer efficiënt te ontdooien. Let op met haardrogers voor elektrocutie!!!
- Na het terugplaatsen van de etenswaren kan je beter kiezen voor “superfrost” om de diepvriezer sneller terug op de juiste temperatuur te krijgen. Sommige toestellen starten automatisch deze cyclus.
- Opgelet met het kuisen achter een diepvriezer of koelkast. Als je een diepvriezer hebt verplaatst (bijvoorbeeld tijdens de grote kuis), vergeet dan niet om eerst de diepvriezer 15 minuten te laten rusten vooraleer terug in te schakelen. De vloeistof in de diepvriezer moet namelijk eerst terugvloeien.
- Maak snel een keuze uit de koelkast. Elke seconde dat de deur openstaat is energieverlies! Plaats de meest gebruikte voorwerpen vooraan in de koelkast of in de deur.
Als je werkt met een diepvriezer met schuiven, kan je best op de schuiven een klevertje zetten, zodat je snel weet in welke schuif je het juiste voedsel vindt. - Plaats een koelkast of diepvriezer nooit in de vlakke zon, maar in een donkere afgesloten ruimte. Zorg wel dat er aan de achterzijde voldoende ventilatie mogelijk is, dus minimaal 5 cm vrijlaten.
- Wees niet te energiezuinig, waardoor de temperaturen te hoog zijn en er voedselbedref optreedt. De gezondheid primeert altijd!
- Neem een isolerende zak mee (speciaal voor diepvriesproducten) of een koelbox om je diepgevroren etenswaren in de winkel direct in te stoppen. Het voedsel warmt minder op en moet nadien ook minder worden afgekoeld door je diepvriezer.
- Doe eerst al je andere inkopen en neem de diepvriesproducten pas als laatste uit de rekken. Zo zitten deze etenswaren minder lang in de kar te wachten.
- Zet de gas of het elektrisch kookvuur ongeveer 5 minuten voor het einde al af, zodat je gebruik maakt van de restwarmte. Bij gas is deze restwarmte uiteraard minder pertinent aanwezig als bij elektrisch koken. Wil je bij aardgas nog meer winst halen, overweeg dan om te koken in gietijzeren kommen. Gietijzer is een zeer goede warmtegeleider en houdt de warmte ook beter vast.
- Zorg bij de aanschaf van een gasvuur dat het toestel is voorzien van een thermokoppel. Een thermokoppel is een extra beveiliging tegen het ontsnappen van aardgas. Bij het overkoken van water e.d. kan het water de vlam doven. Ook een deur die plots opengaat en een sterke windvlaag kan de vlam doven. In dat geval gaat het thermokoppel de gastoevoer afsluiten voor die bek. Gas open zonder warmte = gas wordt afgesloten.
- Houdt altijd voldoende afstand van een werkende microgolfoven (magnetron). Sommige modellen lekken microgolfstraling tot op ongeveer 20cm van het toestel. Ga dus best nooit aan het ruitje gaan kijken hoe ver het ingrediënt staat.
- Maak voldoende grote porties van een maaltijd, bijvoorbeeld teveel spaghettisaus. Nadien kan je de overschot invriezen en later opwarmen in de microgolfoven. Zo is een volgende maaltijd minder arbeidsintensief en je verbruikt minder energie tijdens de bereiding.
- Indien sauzen te lang duren om op te warmen in de magnetron, kan het zijn dat ze onvoldoende vochtig zijn. Voeg een half glas water toe, meng alles en plaats het vervolgens in de microgolfoven. Het opwarmen zal sneller gaan, aangezien alleen vocht wordt opgewarmd. Let op dat je geen metalen voorwerpen zoals lepels etc in de oven laat liggen.
- Bak zelf brood in plaats van naar de bakker te rijden. Je gaat het milieu 10x minder belasten en je bespaart 70% aan kostprijs. Ga naar onze pagina “tips” om meer te weten over brood bakken.
- Kies voor een AAA-vaatwasser. Deze toestellen zijn stukken zuiniger dan de gewone toestellen, doordat ze eerst de warmte onttrekken aan het vuile warme water (via een warmtewisselaar) en hiermee het propere koude water opwarmen. Dit bespaart een pak energie.
- Was je kleren op een zo laag mogelijke temperatuur. Afhankelijk van het wasproduct kan je experimenteren en kijken wat mogelijk is. De meeste wasmachines hebben een eco-stand, waardoor de wascyclus korter is en minder energie verbruikt.
- Laat de meeste kleren (behalve delicaat) op een zo hoog mogelijk toerental droogzwieren (liefts meer dan 1000 toeren/minuut). Hierdoor zal het wasgoed sneller drogen aan de lijn of in de droogkast.
- Als het zonnige dagen zijn kan je best gebruik maken van de wasdraad. Enkel bij vorst of vochtig weer (mist en regen) heeft dit weinig zin.
- Indien het met de droogkast moet, kies dan voor drogen op koude temperatuur. De droogcyclus duurt slechts een 30tal minuten langer, maar het toestel verbruikt maar de helft van een gewone warme cyclus. Bovendien loop je minder risico dat kleren gaan krimpen.
- Indien je kiest voor een nieuwe wasmachine, kan je opteren voor een hot-fill. Op deze toestellen kan je rechtstreeks warm water aansluiten, waardoor je deze energie opwekt met aardgas via de brander en niet via elektriciteit. Deze toestellen zijn dus rendabeler dan gewone, maar ook wel duurder. Je kunt ook droogkasten krijgen die je rechtstreeks kunt aansluiten op aardgas.
- Gebruik alle grootverbruikers vooral na 21.00u, aangezien je dan op nachttarief werkt, wat sowieso goedkoper is. De meeste moderne toestellen maken weinig lawaai en kunnen bijgevolg perfect ’s nachts worden gebruikt. Wij slapen op slechts 3 meter van onze wasmachine en worden daar nooit wakker van. Kies bij de aanschaf van een wasmachine of droogkast voor een model met timer. Bij de oudere of eenvoudigere toestellen kan je werken met een schakelklok.
- Je kunt eveneens vaatwasmodellen bekomen met een inwendige programmatie om ’s nachts op te springen. Probeer zowel de wasmachine als de vaatwasser zo goed mogelijk te vullen, ookal hebben deze toestellen een sensor om halfgevulde machines te detecteren.
- Droogkasten met een luchtafvoer naar buiten verbruiken minder dan de versies die moeten condenseren.
- Stoomstrijkijzer verdienen de aanbeveling boven klassieke strijkijzers, aangezien de stoom ervoor zorgt dat er meer kreuken uit de kleding worden gehaald en je bijgevolg minder lang moet strijken. Toestellen met “droge stoom” verbruiken minder energie, aangezien er minder water wordt gebruikt om goede stoom te produceren. Deze toestellen zijn wel duurder in de aanschaf.
- Ontkalk regelmatig je koffiezetapparaat. Je kunt dit ecologisch doen door gebruik te maken van azijnzuur of wijnsteenzuur. Dit laatste kan je bekomen in elke drogisterij.
- Maak in de keuken gebruik van een eengreepsmengkraan. Deze kranen geven sneller de gewenste temperatuur en zo vermijdt je verspilling van water en energie. Handig in de keuken is een kraan met douchekopschakelaar en snoer. Zo kan je de koffiezet vullen zonder morsen.
- Zet de afzuigkap (dampkap) uit na het koken. Niet alleen verbruikt dit toestel veel stroom, je voert ook kostbare warme lucht naar buiten af.
- Plaats een tijdschakelaar tussen het stopcontact en de kruimeldief. Dit toestel heeft voldoende aan een oplaadbeurt ’s nachts. Overdag wordt de kostbare stroom toch enkel omgezet in warmte in de transformator.
- Plaats een fornuis en/of oven nooit naast een diepvriezer of koelkast. De stralingswarmte gaat de werking van de koelkast of diepvriezer negatief beïnvloeden.
- Kijk bij de aankoop van een koelkast of het werkelijk een model moet zijn met een vriesvak. Indien je van een vriesvak weinig gebruik maakt, is het zinvoller om een type zonder vriesvak te verkiezen. Een vriesvak verbruikt redelijk wat stroom en neemt een deel van de ruimte van de koelkast in beslag.
TIPS ISOLATIE:
- Zorg voor voldoende luchtvochtigheid, maar ook niet teveel. Een te droge lucht gaat de slijmvliezen uitdrogen en irritaties aan de ogen geven. Bovendien krijg je zo meer ophoping van huisstof. Te vochtige lucht gaat schimmels veroorzaken en ook gezondheidsklachten. Bovendien moet je meer energie stoppen in een vochtige woning om deze op te warmen. Ideaal is een luchtvochtigheid van rond de 40 à 50 procent.
- Isoleer voldoende. Het is een mythe dat je kunt overisoleren. Hoe meer hoe beter. Bij het isoleren moet je letten op twee belangrijke eigenschappen van het isolatiemateriaal, namelijk de lambda-waarde (hoe kleiner hoe beter) en de dikte van het materiaal (hoe dikker hoe beter). De specifieke eigenschappen van de deze lambda-waarde en de minimum-diktes van het materiaal kan je terug vinden in onze rubriek “EPB”.
- Ga zorgvuldig te werk bij het plaatsen van isolatie, zoals dakisolatie. Zorg dat je een hermetisch dampscherm voorziet aan de onderzijde van het isolatiemateriaal. Sluit het dampscherm af met tape om alle kiertjes te vermijden. Controleer met een rookpluimpje of er nog tochspleten zijn en sluit deze af.
- Je kunt bij de plaatsing kiezen voor biologische materialen, zoals houtvlokken, papiervlokken, vlas etc.
- Vergeet bij de bouw of verbouwing ook niet om de vloer te isoleren. Het zou zonde zijn dan je opgescheept zit met een kille vloer en dat langs die weg warmte verloren gaat.
- Kies bij de plaatsing van ruiten voor hoogrendementsglas. Het zal de koude buiten houden in de winter, maar ook beschermen tegen oververhitting in de zomer.
- Let goed op dat je geen koudebruggen hebt in je woning. Dit is rechtstreeks contact tussen de binnenmuur en de buitenmuur. Hierdoor kruipt de koude naar binnen, waardoor er koude plekken ontstaan op de binnenmuur. Op deze koude plekken gaat vocht uit de lucht condenseren en schimmel veroorzaken. Ook gaat langs die weg warmte verloren.
- Een muur verver is interessant, maar een muur behangen met dik fliespapier gaat de muur warmer doen aanvoelen en de binnenmuur extra isoleren. Wil je levenslang genieten van een goed geïsoleerde binnenmuur, waarbij je achteraf ook geen onderhoud meer hebt, kies dan voor kurk op de muren. Enkel de kostprijs is hier nadelig.
- Je kunt oude binnenmuren bezetten met gyproc-platen. Kies wel voor geïsoleerde versies, die voorzien zijn van PU-schuim aan de achterzijde. Ook een scheidingsmuur bij half-open-bebouwing kan je op deze manier afwerken.
- Kies voor extra bescherming aan de buitenzijde van de ruiten. Een screen biedt een prima oplossing om de hete zomerzon van de ruiten af te houde. Beter nog zijn rolluiken. Ze zorgen voor een prima inbraakpreventie, houden de koude, wind en regen van de ruiten in de winter en de herfst en schermen de ruiten volledig af van de hete zomerzon. Kies voor alu-rolluiken die opgespoten zijn met PU-schuim. Deze hebben een betere isolatiewaarde. Opbouwrolluiken krijgen de voorkeur, aangezien de rolluikbak aan de buitenzijde zitten. Hierdoor zijn er minder tochproblemen.
- Isoleer rolluikkasten van inbouwrolluiken. Over het algemeen komt er veel koude en toch langs deze bakken in de woning. Let wel op dat je de werking van de rolluik niet belemmert.
- Hang extra dikke gordijnen aan de vensters. Deze voorkomen dat de binnenlucht in contact komt met de koudere ruiten. Het geeft vooral een subjectief warmtegevoel.
- Vermijd dat gordijnen over radiatoren hangen. Hierdoor kan de warmte onvoldoende in de woning rondcirculeren. Staande radiatoren krijgen daarom de voorkeur, maar ook radiotoren onder een vensterbank zijn beter dan radiatoren achter een gordijn.
- Plaats reflecterende folie achter alle radiatoren. Het heeft geen zin dat convectoren (die warme lucht produceren) de warmte naar de muur stralen en zo verloren laten gaan. Je kunt dit ook doen bij elektrische radiotoren.
TIPS VENTILATIE
- Wie geen ventilatie heeft maar enkel verluchting kan beter enkele keren per dag 15 minuten de vensters openen. Hierdoor zal de woning niet sterk afkoelen.
- Kies voor een zonnewering zoals rolluiken. Deze bieden ook een goede bescherming tegen inbraak en reflectie van de kou in de winter. Rolluiken op ventilatiestand laat je toe om gans de nacht te verluchten, vooral in de zomer, zodat de woning kan afkoelen.
- Ventileer of verlucht voldoende. Oude lucht is ongezond en bovendien te vochtig. Vochtige lucht vraagt meer energie om op te warmen dan droge lucht.
- De beste geur is geen geur. Maskeer geen geuren met andere geuren zoals geurkaarsen etc. Deze geuren bevatten vaak PAK’s (Polycyclische Aromatische Koolwaterstoffen), welke kankerverwekkend zijn. De enige manier om geurtjes weg te krijgen is voldoende ventileren of verluchten.
- Verlucht voldoende tijdens activiteiten waar veel vocht vrijkomt, zoals koken, strijken, poetsen etc.
- Gebruik zo weinig mogelijk oplosmiddelen (in verf, lijm e.a.). Indien je toch met deze producten moet omgaan, zorg dan voor voldoende ventilatie en verluchting. Je kunt werkzaamheden (zoals schilderen) beter doen tijdens warme dagen. Dan kan je verluchten zonder warmteverlies.
- Indien je woning na regelmatig verluchten nog te vochtige lucht bevat, ga dan na of er een manier is om dit overtollig vocht af te voeren. Vochtslurpers en elektrische ontvochtigers kunnen een oplossing zijn. Teveel vocht in de lucht zorgt voor meer stookkosten.
- Op een bestaande woning kan je ook ventileren door gebruik te maken van een verluchtingszonnepaneel. Dit systeem kost GEEN energie en zorgt voor extra ventilatie. Surf naar http://www.solar-trade.be/ voor meer informatie.
TIPS COMPUTER:
- Zet een printer na gebruik volledig uit. Zelfs in stand-by (sleepmodus) zal deze printer stroom verbruiken.
- Onderbreek de stroom naar een computer, zeker een laptop (draagbare computer). De adapter verbruikt namelijk nog altijd stroom.
- Kies een laptop boven een vaste pc. Ten eerste verbruikt een laptop maar een vierde van de hoeveelheid stroom die een vaste PC verbruikt, het is ook geluidsarm en neemt minder plaats in beslag. Bij stroomuitval blijft een laptop trouwens verder werken.
- Installeer software (zoals Local Cooling) om je computer sneller in stand-by te zetten.
- Gebruik OpenBronsoftware om het milieu te sparen.
- Gebruik bedrukt papier aan de achterzijde als kladpapier.
- Maak digitale foto’s om het milieu te sparen. Analoge foto’s worden nog steeds ontwikkeld met zware chemische producten (zoals ontwikkelaar en fixeervloeistof). Digitaal kan je ook doorsturen en is dus bijgevolg sneller en eenvoudiger.
- Schakel de router en/of je Modem uit als je op vakantie gaat. Deze toestellen worden toch niet gebruikt tijdens je afwezigheid. Je kunt deze toestellen ook uitschakelen als je gaat slapen.
- Maak je kantoor of bureel thuis zo papiervriendelijk mogelijk. Doe eerst een schermvoorbeeld en verbeter digitaal in plaats van eerst af te printen en dan opnieuw te verbeteren. Het zal een hoop papier en inkt besparen.
- Kies resoluut voor een laserprinter. Deze printers zijn op lange termijn veel goedkoper, zeker bij veel exemplaren.
- Print in Eco-modus , zodat de printer minder verbruikt. Dit kan tot 30% of meer besparen.
- Stuur eens een e-card in plaats van een gewone wenskaart. Het bespaart aan zegels, maar ook aan papier en dus ook milieu. Bovendien moeten deze pakjes niet worden rondgedragen, dus is er ook veel minder CO2 uitstoot.
- Surf met een PDA (palmtop) op internet voor kleine dingen (zoals e-mail nakijken). Het vermijdt dat je een computer moet opstarten. Wij gebruiken de nokia E61 om dit te doen, en het werkt perfect.
- Kies voor een hosting om je gegevens te backuppen. Een externe harde schijf verbruikt nog steeds stroom en kan bij brand of diefstal nog altijd verloren gaan.
- Laat geen randapparatuur aanstaan, zoals een scanner, als je deze toch niet gebruikt. Schakel het toestel volledig uit of ontneem hem de stroom als hij geen schakelaar heeft. Dit kan je ook doen met externe luidsprekers.
- Verlicht je bureel met zuinige verlichting, zoals spaarlampen of (in ons geval) spaarlampen met een GU10-fitting. Deze lampen renderen hier prima, aangezien ze toch gedurende lange tijd worden gebruikt.
- Gebruik een plat LCD-scherm om aan de computer te werken. Ten eerste is het aangenamer om naar te kijken, het verbruikt ook minder dan een CRT (Cathode Ray Tube of gewone beeldbuis). Bovendien is er veel minder risico aan verbonden, aangezien een gewone beeldbuis kan imploderen en dus brand en verwondingen kan veroorzaken.
- Gebruik inkt die gerecycled is. Dit kan je zowel voor inktpatronen voor inktjetprinters bekomen alsook toners voor een laserprinter. Hierdoor is de belasting voor het milieu veel minder.
TIPS NATUUR en TUIN:
- Gebruik een muskietennet rondom je bed om geen last te hebben van muggen en andere insecten. Speciale muggenverdelgers (zoals tabletten die in het stopcontact gaan) zijn niet alleen schadelijk voor de muggen, het zal de luchtkwaliteit in huis niet ten goede komen. Afschrikproducten die geluid maken hebben geen effect op muggen.
- Koop verse seizoensgroenten (liefst inheems) om het milieu te besparen. Ga bij de aankoop na waar je producten vandaan komen. Kiwi’s uit Nieuw-Zeeland of plat water uit Italië zijn een zware belasting voor het milieu.
- Je kunt ook beter producten in grotere hoeveelheden aankopen. Koop liever een grote pot yoghurt in plaats van een dozijn kleine potjes. Ook groeten en fruit koop je beter bulk aan in plaats van voorverpakt.
- Als het dan toch moet verpakt worden, kies je best voor herbruikbare verpakking zoals glazen flessen met statiegeld. Wijn kan je ook in kruikjes van 5 liter aanschaffen. Ook chocolademelk is er in grotere verpakkingen. De kwaliteit van de drank blijft hetzelfde.
- Maak gebruik van een boodschappenlijstje. Hierdoor ga je alleen aanschaffen wat je echt nodig hebt in en functie van de grootte van het gezin.
- Vermijd wegwerpzakken. Koop liever een opvouwbare boodschappentas of een winkeltasje op wieltjes.
- Koop als je kunt biologische producten. Ze zullen een betere impact hebben op je lichaam en natuurlijk ook op de natuur. Op deze manier vermijd je ook het gebruik van pesticiden, groeihormonen, herbiciden, antibiotica en nog vele andere chemische toevoegingen.
- Ga boodschappen doen nadat u hebt gegeten. Op deze wijze gaat uw maag uw koopgedrag niet beïnvloeden. Snoep en andere zoete spullen (die vaak vol chemische bewaarmiddelen zitten) ga je dan sneller aan de kant laten liggen.
- Herbruik verpakkingsdoosjes als die hiervoor geschikt zijn. Zo kan je potjes waar chocolademousse in heeft gezeten (6-kantige die bij de bakker te krijgen zijn) nog hergebruikt worden voor sauzen of andere kleine dingen in te bewaren.
- Composteer je eigen keuken-en groenafval als je hiervoor de plaats hebt. Je gaat het afval nuttig hergebruiken en je vermijd een extra aankoop van meststof voor de tuin.
- Opgelet, niet alles kan je composteren. Zo zorg je er beter voor dat er geen mosselschelpen, korrels van de kattebak, wegwerpluiers, een te grote hoeveelheid zand en vleesafval alsook beenderen.
- Doe correct aan afvalrecyclage. De meeste gemeenten hebben een duidelijke afvalkalender waar je ook heel duidelijk kunt zien wat wel en wat niet bij een bepaalde afvalsoort mag.
- Gooi restjes van voedsel niet zomaar weg. Stop het in een potje en verwerkt het later in een andere maaltijd (opgelet, dit gaat niet altijd natuurlijk). Laat de chef-kok-in-huis hierover beslissen.
- Gebruik biologische reinigingsproducten en wasmiddel. Het zal het milieu minder belasten, maar ook je gezondheid ten goede komen. Vele chemische producten lokken reacties uit, zoals contact-allergie.
- Afvalwater van het kuisen kan je ook (zeker bij biologische reinigingsproducten) aan de planten geven. Bladluizen en ander ongedierte is hier niet zo blij mee en gaat het dan elders zoeken.
- Laat de vuile vaat eerst weken vooraleer je hem in de machine stopt. Zwaar aangekoekt vuil kan je best losweken, door een bodempje water in de pan te doen en dan het water op het fornuis aan de kook te brengen. Hierdoor komt al het vuil zonder schrobben los.
- Schakel de voorwas van een wasmachine uit als dit niet nodig is. Kies liever voor de ecostand en ga na op welke temperatuur alle vlekken uit het wasgoed zijn. Te hoge temperaturen kosten alleen maar extra energie en gaan de kleren soms laten krimpen.
- Zorg dat de filter van je huishoudtoestellen regelmatig wordt leeggemaakt. De levensduur van de machine gaat omhoog en het verbruik zal eveneens dalen.
- Vertrouw op klassieke producten in plaats van chemische. Koffiedik is een prima ontvetter en kan je goed gebruiken als ontstopper voor de gootsteen. Wijnsteenzuur of azijnzuur zijn prima ontkalkers voor de kranen en het koffiezetapparaat. Bovendien zijn al deze producten niet giftig voor de mens. Er zijn ook prima producten op basis van enzymen.
- Vermijd producten in spuitbussen onder druk. De drijfgassen zijn altijd nadelig voor mens en milieu. Tijdens gebruik adem je namelijk altijd een deel van deze aerosolen in. Bovendien zijn er prima alternatieven.
- Kies voor zuiverende planten in huis. De vijgenboom (Ficus) neutraliseren de formaldehyde in huis (afkomstig van verf, cosmetica, vezelplaten, chemische huishoudproducten etc). Deze formaldehyde is kankerverwekkend. Azalea neutraliseert de ammoniak die aanwezig is in huishoudproducten. Je moet wel opletten, want sommige planten zijn juist wel giftig en kan je bijgevolg beter niet in huis halen, zeker niet in het bijzijn van kleine kinderen. Hierbij denken we vooral aan “Kerstster (Poinsettia), Clivia en Hulst. Zeker altijd je handen wassen als je in contact bent geweest met deze planten.
- Heb je toch nog chemische producten in huis, zorg dan dat ze, samen met medicijnen, goed opgeborgen zitten (liefst achter slot). Hierdoor komen kinderen er ook niet gemakkelijk bij.
- Gebruik heroplaadbare batterijen om het milieu te besparen. Op lange termijn komen ze ook goedkoper uit dan de klassieke.
- Kies voor duurzaam hout en papier (voorzien van een FSC-label). Hierdoor ga je het milieu minder belasten, doordat er alleen houtsoorten worden gerooid die niet in oerbossen voorkomen.
- Doe alles via e-mail. Zo vermijd je de consumptie van papier en gaat de correspondentie sneller. Bovendien kan je eenvoudiger elektronisch opvolgen of iemand je bericht heeft gelezen.
- Print niet af om na te lezen. Maak hiervoor gebruik van het schermvoorbeeld. Het is een beetje oefenen, maar je doet er ook veel goed mee.
- Reinig de klinkers van je oprit en de tuinmeubelen met een hogedrukreiniger en/of biologisch product tegen algen. Het resultaat is even mooi.
- Kies voor natuurlijke bestrijdingsmiddelen zoals larven van lieveheersbeestjes. Ze zijn zeer effectief tegen bladluizen. Ook Knoflook helpt tegen bladluizen.
- Trek al het onkruid regelmatig met de hand uit en bedek nadien de bodem met boomschors. Je zult merken dan het onkruid veel minder snel terug komt.
- Hou bestrijdingsmiddelen (herbiciden en pesticiden) zoveel mogelijk uit je tuin. Er is niet alleen een gevaar voor eigen gezondheid, maar ook die van je kinderen. Mensen gebruiken soms een veelvoud van de maximaal toegelaten dosis in de landbouw. Het is dus heel vaak ten onrechte dat men de landbouw met de vinger wijst.
- Giet kokend water (afkomstig van het koken van aardappelen, rijst op pasta) over het onkruid. Na een tijdje deze behandeling te herhalen zal het onkruid op die plaats verdwijnen.
- Neem bij een boswandeling altijd een zakje mee. Zo kan je blaren, takjes, dennenappels e.d. verzamelen om later een mooi bloemstuk mee te maken.
- Om muggenlarven in je regenton te vermijden kan je simpel olijfolie op het water gieten, totdat het ganse wateroppervlak bedekt is met een laagje olie. De muggen kunnen vervolgens hun eitjes niet meer in het water leggen. Aangezien water en olie niet mengen, zal bij een nieuwe regenbui het verse water naar de bodem zakken de olie opnieuw boven drijven. Zorg er wel voor dat je je tapkraan aan de onderzijde van het regenvat plaatst of je buis (om het water op te zuigen diep genoeg steekt).
TIPS VERLICHTING:
- Zorg ervoor dat je, bij het gebruik van 12V-LED’s, gebruik maakt van gewikkelde transformatoren en geen digitale. Anders kan het zijn dat deze verlichting na een tijdje begint te flikkeren of helemaal niet aan de praat te krijgen is. Ben je op zoek naar een nieuw armatuur, kies dan voor eentje op 230V. Er bestaan eveneens 230V-LED’s. Deze zijn niet duurder, maar leveren wel meer licht. Bovendien zijn de armaturen zonder transformator goedkoper in aanschaf.
- Indien je meestal gebruik maakt van een dimmer, wil dit zeggen dat je te sterke lampen hebt gekozen. 30% Dimmen wil niet noodzakelijk zeggen dat je 30% gaat besparen. Koop lampen met een lager vermogen en dus ook een iets lagere lichtopbrengst. Opgelet, niet alle LED -of spaarlampen mag je dimmen. Lees aandachtig na op de verpakking.
- Opgelet; Spaarlampen en TL-lampen zijn niet “tuk” op strenge vorst. Je kunt spaarlampen gebruiken als verlichting in de grond (in de grond ingebouwde spots), maar je kunt beter gebruik maken van andere type lampen, zoals powerLED of in het slechtste geval halogeenspots.
- Kies bij halogeenspots (voor buiten) wel voor types met glazen koelvinnen en niet de wit-keramische voeten. Deze laatste zijn gevoelig voor vocht en vorst en zijn gebarsten na elke winter. Keramische voeten zijn enkel geschikt voor binnenshuis.
- Nachtlichtjes kunnen handig zijn om in de donker toch je weg te vinden naar het toilet, zonder speciaal sterke lichten te moeten aansteken. Je slaapritme wordt minder onderbroken en je verbruikt minder stroom. Je kiest best voor LED-nachtlichtjes met sensor. Deze schakelen zich overdag automatisch uit en werken alleen in het donker. Bovendien verbruikt zulk LED-lichtje minder dan 0,5W per uur.
- De goedkoopste besparing is het uitschakelen van verlichting. Laat geen lampen branden in ruimten waar niemand aanwezig is. Je kunt wel een spaarlamp of TL-lamp laten branden, indien er binnen de 5 minuten terug iemand in de ruimte zal zijn. Spaarlampen en TL-lampen houden er namelijk niet van om vaak aan en uitgeschakeld te worden. In een hal of ander vertrek, waar de verlichting slechts tijdelijk wordt gebruikt, kan je beter werken met LED-verlichting of halogeen. LED krijgt natuurlijk de voorkeur, aangezien het tussen de 30 tot 50 keer minder verbruikt.
- Kies voor heldere kleuren in je woning, waardoor het licht in de woning zal weerkaatsen. Hierdoor is er ook minder behoefte aan veel licht. Een extra spiegel kan eveneens licht reflecteren en zo het gevoel creëren dat er meerdere lampen branden. Tot slot kan je ook de spots richten op witte voorwerpen, zoals witte staande radiatoren, waardoor deze ook het licht weerkaatsen.
- Een spaarlamp is interessant om een klassieke gloeilamp te vervangen, een LED-lamp is interessanter om een halogeenlamp te vervangen. Niet alleen zijn deze lampen zuiniger, ze worden ook niet of nauwelijks warm (het zijn lichtstralers). Hierdoor is er ook een veel kleiner risico op brand of brandwonden bij aanraking.
- Vervang overal de warmtestralers, ook op plaatsen waar je in eerste instantie niet aan denkt, zoals de dampkap, in de motor van de garagepoort, in de koelkast enz.
- Opgelet met spaarlampen en TL-lampen. Deze lampen moeten als ze versleten zijn naar het containerpark en bij het KGA (Klein Gevaarlijk Afval) worden gedaan. Deze lampen bevatten namelijk een kleine hoeveelheid kwik. Bij gewoon gebruik is hier geen enkel risico, maar bij breuk of recyclage dient hiermee rekening te worden gehouden. Bij breuk moet je ook 5 minuten de kamer verlaten en gelijktijdig goed verluchten, om de kwikdampen te laten ontsnappen.
- Indien je onbeschermde halogeenlampjes moet monteren (zonder spot), mag je deze lampjes nooit met je vingers aanraken. Door het vet op je vingers, gaat deze aangeraakte plaats anders uitzetten dan de zuivere ruimte. Hierdoor ontstaan er spanningen en barstjes, waardoor de lampjes springen. Kuis in dat geval de lampjes eerst af met een vluchtige vloeistof (bijvoorbeeld alcohol), liefst een ontvetter.
- Laat de Kerstverlichting alleen branden als het echt nodig is, dus enkel in het donker. Overdag heeft dit geen enkele zin. Je ziet het licht toch nauwelijks en het verbruikt het dure dagtarief. Je kunt beter LED-Kerstverlichting aanschaffen. Je hebt minder kans op huisbrand of brandwonden en het verbruik ligt gemiddeld 15x lager dan klassieke Kerstverliching. LED-verlichting gaat ook langer mee en kan elektronisch worden gestuurd om verschillende knipperpatronen te starten.
- Wil je speciale sfeerverlichting in huis, dan kan je opteren voor moderne powerLED (of RGB-LED), waarbij er miljoenen kleurencombinaties mogelijk zijn. Deze verlichting wordt vaak geleverd met een afstandsbediening en een speciaal glazen armatuur. Deze verlichting is wel prijzig, ongeveer €150.
- Hou rekening met de kleurtemperatuur van een lamp vooraleer je naar de winkel gaat. Op de verpakking staat duidelijk welk soort licht je mag verwachten.
- Dimmen van een LED-verlichting is mogelijk, maar dit moet elektronisch gebeuren. Werk je nog met een traditionele dimmer, dan kan het zijn dat de LED-verlichting hierop niet gaat reageren.
TIPS ENERGIE MAKEN:
- Kies enkel voor alternatieve energie, zoals zonnepanelen, als je alle andere stappen in je energieplan hebt doorlopen. Het heeft weinig zin om PV-panelen te plaatsen als je nog elektrisch kookt. Overschakelen op aardgas om te koken zal sneller terugverdiend zijn. Ook isoleren verdien je veel sneller terug.
- Kijk naar de toestand van je gezin om te bepalen welk type zonnepanelen je gaat plaatsen. Heb je veel behoefte aan sanitair warm water, dan kan een zonneboiler interessant zijn. Wie meer elektriciteit dan gemiddeld verbruikt, kan beter opteren voor een PV-installatie.
- Let goed op bij de aankoop van een PV-installatie dat je voldoende garantie krijgt op het ganse systeem. Sommige systemen geven slechts 5 of 10 jaar garantie op de omvormer, anderen geven 20 jaar.
- Om te vermijden dat de elektriciteitsmeter zoveel achteruit draait, dat je hierdoor aan een minder gunstig tarief wordt terug betaald, heeft het zin om eerst naar het jaarverbruik te kijken en daar 2/3 van te nemen als jaaropbrengst voor de installatie. Wij verbruiken gemiddeld 3000kWh per jaar, dus is het zinnig om te werken met een installatie die ongeveer 2000kWh opwekt. Hierdoor beperk je ook de totale kostprijs van de installatie.
- Noteer maandelijks de meterstand van alle nutsvoorzieningen en vergelijk. Zo heb je een beter overzicht van je verbruik en vooral waar je eventueel kunt besparen.
- Vergeet niet om minstens 3-maandelijks de meterstand van je PV-installatie door te geven aan de VREG.
- Ga eerst na (vooraleer je zonnepanelen plaatst) dat je dak de ganse dag schaduwvrij is. Zorg ook dat er geen hoge bomen staan in een straal van 25m, om te voorkomen dat er blaren op de zonnepanelen vallen. Stof en uitwerpselen van vogels spoelen vanzelf weg. Dit laatste vergt dus geen onderhoud.
- Denk er eens over na om zonnepanelen als een belegging te zien in plaats van een investering. PV panelen leveren je gedurende 20 jaar 450euro op per 1000kWh en nadien nog telkens 150 euro per 1000kWh. In onze berekening zie je dat PV-panelen zelfs altijd gunstiger zijn dan een spaarboekje van 4%.
TIPS VERVOER:
- Stippel voor langere afstanden je route uit of maak gebruik van een GPS-toestel. Hierdoor vermijd je het verkeerd rijden en het hiermee gepaard gaande overtollig verbruik.
- Rij ecologisch. Dit wil zeggen niet bruusk remmen, normaal optrekken, anticiperen op het verkeer, uitbollen.
- Schakel niet teveel toestellen in zoals de airco; DVD-speler; etc.
- Haal alle uitwendige obstakels van de auto af zoals bagagerekken, skibakken, trekhaak enz. De extra luchtweerstand zorgt voor een groot verbruik.
- Rij met gesloten ramen en gebruik de juiste hoeveelheid airco als het werkelijk nodig is. Open ramen remmen de auto af.
- Controleer regelmatig je bandenspanning. Te slappe banden kunnen een klapband veroorzaken en verhogen het verbruik aanzienlijk.
- Vertrek op tijd in plaats van sportief te rijden.
- Probeer files te vermijden. Vertrek op uren wanneer het rustiger is (als je dit kunt doen natuurlijk). Rij bijvoorbeeld ’s nachts naar het zuiden in plaats van overdag. ’s Nachts moet je ook minder airco gebruiken.
- Koop een wagen op jouw maat. Geen overkill in grootte en cilinderinhoud.
- Gebruik zoveel mogelijk de zuinigste auto als je er meer dan één hebt.
- Rij niet met een volgeladen koffer als dit niet moet. Het extra gewicht zorgt voor een groter verbruik.
- Gebruik voor de zeer kleine afstanden (minder dan 2km) de fiets of ga te voet.
- Gebruik geen vluchtige producten om je ruiten te ontdooien in de wintermaanden. Neem lauw water en giet dit over de voorruit (Opgelet, geen warm of heet water, anders springt de voorruit!!!). De temperatuur mag maximaal 35°C zijn.
- Rij niet rond met een 4×4 als dit niet nodig is (een veearts heeft dit bijvoorbeeld wel nodig). De wagens zijn sowieso minder geschikt voor op gewone wegen en het zijn energievreters.
- Zorg voor een jaarlijks onderhoud van de wagen. Vuile en verstopte filters zullen het verbruik doen toenemen.
- Je hoeft geen dure oranje kegels te kopen om op een parking met de auto er leren tussen te rijden en parkeren. Neem een lege PET-fles en vul deze met zand. Steek vervolgens een houten stok of een stuk elektriciteitsbuis in de fles. Zo heb je een perfect alternatief om op een parking te leren met een auto te manoeuvreren.
- Als je gaat tanken kan je dit best ’s morgens doen (de vroege ochtend). De brandstof in de tank is dan lichtjes afgekoeld en zal krimpen. Zo kan je meer tanken voor dezelfde prijs. Er wordt namelijk bij het tanken een volumemeting gedaan en geen gewichtsmeting!
- Je kunt in de olie een extra additief toevoegen om de wrijvingscoëfficiënt (f) in de motor te verlagen, waardoor er minder warmte in het motorblok is, dus ook minder slijtage en minder verbruik. Deze stoffen (afgeleide van vloeibare teflon) giet je gewoon bij de olie.
- Laat de wagen bij een koude ochtend geen half uur draaien. De motor warmt veel sneller op al rijdend dan stationair. Open ruiten kan je best bekomen via andere wegen (denk aan onze voorgaande tip over lauw water). Ook een stuk karton achter de ruitenwisser doet wonderen.
- Schakel de motor van een wagen altijd uit als je meer dan een minuut moet wachten. Dit wil zeggen aan elke overweg bij treinsporen waar je moet wachten, bij elke ophaalbrug, in een echte stilstaande file, of als je op de echtgenoot (echtgenote) moet wachten die eventjes in de winkel iets gaat kopen.
- Veel mensen weten dit niet, maar je kunt een auto langzaam laten rijden zonder gas te geven. In de file is dit een handige manier om minder vaak de voet op het pedaal te moeten plaatsen en dus ook bruusk op te trekken. Laat eerst de voorganger (in de file) enkele tientallen meters verder rijden en hef dan langzaam je voet van het koppelingspedaal. Opgelet, niet bruusk, want dan gaat de motor stilvallen. Aan dit trucje herken je een goed chauffeur. Oefen desnoods eerst op een parking als je dit nog niet kunt.
Na het langzaam loslaten van het koppelingspedaal gaat de auto mooi 5km/h rijden. Noem het maar de filestand. Als je hetzelfde doet in tweede versnelling gebeurd hetzelfde, maar dan tegen ongeveer 10km/h. - Speel rustige muziek in de wagen. Wie loeiharde muziek afspeelt, met een snelle beat, gaat automatisch sneller en agressiever rijden. Onze polsslag kan hiervan stijgen en we maken meer adrenaline aan. Klassiek maakt ons rustig en zal ons rijgedrag positief beïnvloeden.
- Doe aan carpooling waar mogelijk. Zo kan je de kosten onder elkaar verdelen. Hoe meer mensen dit zouden doen, des te minder auto’s er op de baan zouden zijn. Het fileprobleem zou hierdoor ook serieus teruggedrongen kunnen worden.
- Ga eens na of je werkgever je kosten voor het openbaar vervoer terug betaald. Hierdoor kan je op jaarbasis een smak geld besparen. De kinderen (tot 12 jaar) kunnen gratis mee! Vraag hierover info bij de vervoersmaatschappij.
- Laat kinderen met het openbaar vervoer of de fiets naar school gaan als ze oud genoeg zijn. Natuurlijk is een goede verkeerseducatie en reflecterende kledij belangrijk.
- Probeer zo dicht mogelijk van je werk en/of de school van de kinderen te wonen. Zo wonen wij op slechts 7km van de school en het werk. Als je toch naar de hoofdstad moet pendelen, kies dan een woonst die goed bereikbaar is met het openbaar vervoer.
- Pas je koopgedrag aan. Door grote hoeveelheden aan te kopen kan je het aantal ritten naar de winkel drastisch laten dalen. Zelf moeten wij slechts elke 4 à 6 weken naar de winkel gaan. Voor de kleine habbekrats gaan we te voet naar de buurtwinkel.
- Parkeer je aan de rand van de stad. Zo vermijd je peperduur parkeergeld te moeten betalen en ben je ook vlotter terug uit die drukke stad. Veel steden worden mettertijd minder toegankelijk voor de auto en in Europa zijn er ook al heel wat grote steden die een fikse belasting (per dag) heffen om de stad binnen te mogen (denk maar aan Londen en vele Duitse steden).
- Je moet voor recreatie niet altijd de auto van stal halen. Er zijn gegarandeerd heel wat leuke evenementen dicht in de buurt. Wie een beetje zoekt staat soms versteld van de mogelijkheden die je dichtbij kunt vinden (parken, bossen, speeltuinen voor de kinderen etc).
- Doe je een autovakantie? Rij dan ’s nachts. Overdag is de kans op file veel groter. Bovendien is het ’s nachts koeler, waardoor je de airco minder moet aanspreken. Heb je kleine kinderen, dan zijn deze vaak rustig aan het slapen, zodat je zelf minder wordt gestoord. Hierdoor ga je ook een rustiger rijgedrag hebben. Wel oppassen dat je aan de veiligheid denkt. Neem voldoende rustpauzes om de benen te strekken en zo de asfalt-moeheid (die vooral ’s nachts optreedt) te lijf te gaan. Vaak zijn er meerdere chauffeurs in de wagen, dus kan je ook van die gelegenheid gebruik maken om eens af te wisselen.
- Zorg dat je maximumsnelheid niet meer bedraagt dan 110km/h. 105km/h is het meest zuinige. Dit komt doordat de luchtweerstand lager is dan bij hogere snelheden. Dit heeft dus een onmiddellijke impact op je verbruik. Ook is de impact op het milieu zeer gunstig.
- Rij met een wagen zoals met een fiets. Laat de wagen uitbollen tijdens een afdaling en trek nooit te bruusk op. Blijf ook niet te lang ter plaatste trappelen, dus leg de motor stil bij lang wachten (zoals een spooroverweg). Schakel niet te groot tijdens een klim, anders kost dat ook teveel energie. Anticipeer, door uit te bollen, zodat je niet zoveel in de remmen moet. Met de fiets doet iedereen dit automatisch, maar in de auto veranderen we allemaal in een oncontroleerbaar beest.Heel wat mensen gaan deze zomer (net zoals wij) met de auto op vakantie. Heel hebben en houden wordt dan in de wagen en/of caravan gepropt en we rijden soms een ganse dag om op onze bestemming te komen.
Toch zijn er enkele tips om zonder teveel zorgen op je bestemming aan te komen: - Maak op voorhand een duidelijke planning wanneer je gaat vertrekken en waar je eventueel wilt stoppen om even uit te rusten of te eten. Kijk ook na of je doorheen landen moet die nog niet met de Euro werken. Het is trouwens altijd zinvol om een kredietkaart op zak te hebben, want in vele gevallen is dat gemakkelijker betalen en grensoverschreidend.
- Laat je wagen grondig nakijken voor je vertrekt. Kijk de bandenspanning na en plaats ongeveer 0,2kg druk meer in de banden als de auto zwaar beladen wordt. Controleer ook goed de lichten, remmen enz. Vergeet ook niet dat het in sommige landen verplicht is om ook overdag met de lichten aan te rijden!
- Rij ecologisch als het kan. Hou het toerental boven de 2000Tr/min en onder de 2500Tr/min. Let wel op! Ecologisch rijden is niet zonder risico als je zware lasten met de wagen moet trekken, zoals de caravan, zwaar beladen enz. Zeker in bergachtige streken is het zinvol om vooral naar de toerenteller te kijken, zodat je de motor van de auto niet gaat overbelasten! In het verleden zijn er al heel wat mensen geweest die met ecologisch rijden hun motor hebben opgeblazen. Op vlakke stukken autosnelweg kan je echter wel perfect ecologisch rijden, ook met een caravan. Anticiperen op het verkeer, proberen het fel remmen en optrekken te vermijden (natuurlijk zonder jezelf in gevaar te brengen) is de boodschap. Beperk ook je snelheid tot 100km/h. Het verbruik zal sterk dalen, zeker als je met extra aanhangsels op gang bent (fietsenrek, dakkoffer, caravan, enz).
- Kies het juiste tijdstip om te vertrekken. Je kunt beter eerst een dagje thuis uitrusten en eens goed doorslapen om niet gestrest in de auto te kruipen. Zeker voor mensen die ’s nachts rijden is het aangewezen om een rustdag voor het vertrek in te bouwen.
- Let op met asfaltmoeheid. Deze kan zowel overdag als ’s nachts optreden, maar meestal zal het ’s nachts zijn. Er zijn enkele tips om deze asfaltmoeheid te overwinnen:
- Vertrek uitgerust
- Neem voldoende pauze
- Eet niet teveel voor je vertrek (niet zwaar tafelen)
- Drink voldoende
- Ga aan de kant als je de moeheid voelt opkomen.
- Zorg dat je iemand hebt om mee te praten
- Drink geen alcohol voor het vertrek en zeker niet tijdens de rit
- Met kleine kinderen in de auto kan het nuttig zijn om ’s nachts te rijden. Meestal slapen de kinderen de ganse nacht in de auto en zal je rustiger rijden dan wanneer je kinderen voortdurend je aandacht vragen.
- Zorg voor voldoende activiteiten in de auto als het toch overdag moet! Neem voldoende boeken mee of een kaartspelletje. Een DVD-speler, welke aan de hoofdsteun wordt bevestigd, is zijn geld dubbel en dik waard. Je kinderen zijn altijd minstens een uur zoet te houden. Zorg als volwassen passagier ook voor voldoende afwisseling. Maak een praatje met de chauffeur, lees een boek (de meeste moderne auto’s hebben een ingebouwde leeslamp in het plafond) of volg het traject mee met een op voorhand uitgestippelde kaart, ookal maak je gebruik van GPS.
- Gebruik GPS indien mogelijk. Zij die zweren met een oude kaart geef ik persoonlijk ongelijk. Er is niets eenvoudiger dan de instructies van het apparaat te volgen. Bovendien ben je ook minder gestrest om geen afslag te missen. De kans dat je verkeerd rijdt is trouwens ook kleiner, waardoor je minder tijd gaat verliezen. Tot slot gaat het ook brandstof besparen, omdat je de snelste route (of soms kortste) route neemt naar je doel. Kies bij de aanschaf voor de “betere” GPS. Zo zijn er al heel wat modellen met TMC (verkeersinfo), zodat er bij de berekening van de route wordt rekening gehouden met eventuele files, wegwerkzaamheden enz.
- Matig je snelheid. Uit ervaring merk ik dat 90km/h me veel minder zal vermoeien dan 120 km/h. Hoe sneller je aan het rijden bent, des te sneller vermoeien je ogen en deze prikkels wekken het slaapgevoel op. Bovendien rijd je hierdoor veel zuiniger. Wij hadden vorig jaar 5L/100km (1 op 20) met een auto met de koffer volgeladen, 4 personen, een dakkoffer vol en een fietsenrek achterop.
- Wees oplettend voor de tijdsperiode tussen 2u en 6u ’s ochtends. Deze periode valt meestal het zwaarst. Drink voldoende water (geen alcohol) tijdens deze uren en strek zeker alle 2 uren de benen. Muziek kan een beetje helpen, maar een goed gesprek is ook beter om wakker te blijven.
- Neem een “power-nap” van een uur in deze periode (ergens op een parking), zodat je lichaam terug kan opladen. Parkeer je wagen liefst op een zichtbare plaats (niet in een donker hoekje) en liefst niet op een verlaten parking. Sluit ook ramen en deuren, zodat carjackers hun slag niet kunnen slaan.
- Ben je geen nachtbeest en zijn lange ritten niets voor jou, overnacht dan ergens in een goedkoop hotel halverwege de reis. In heel wat landen zijn er spotgoedkope hotel/motels beschikbaar.
TIPS KLIMAAT:
- Begin bij jezelf. Als iedereen eerst voor eigen deur veegt, zal de wereld er heel anders uitzien. Wacht niet tot het wet wordt en men je verplicht. Je kunt nu reeds veel dingen doen en veel geld besparen, maar nog veel belangrijker, een wereld nalaten waarin nog kan geleefd worden.
- Wees zuinig met energie, onder welke vorm ook. Doe geen uitstappen als ze niet nodig zijn, doof het licht in de gang als er niemand is.
- Wees kritisch. Laat je niet te vlug aanpraten dat er geen klimaatprobleem is. Nepdocumentaires zoals “the great Global Warming Swindle” zijn dan ook één grote leugen. Ze laten er netjes de meetresultaten na 1980 uit omdat het niet in hun kraam past. Je kunt dit dan ook moeilijk wetenschap noemen.
- Geef het goede voorbeeld. Laat aan iedereen zien wat je al gepresteerd hebt en inspireer zo de mensen uit jouw omgeving om ook iets te doen.
- Wimpel ook kinderen niet te snel af. Zij zijn de generatie van morgen die ook veel ecologische vraagstukken moeten beantwoorden en uitvoeren.
- Geef infosessies. Door een infoavond te geven over energiezuinig wonen (als je zelf al heel wat hebt bereikt natuurlijk) ga je het energievraagstuk veel dichter bij de mensen brengen.
- Lees en volg. Er bestaat heel wat interessante vakliteratuur in boekvorm maar ook onder de vorm van een website. Informeren is weten. Zo kan je er ook zelf achter komen wat je kan doen om mee je steentje bij te dragen.
- Laat je stem horen. Niet alleen een infosessie is belangrijk, maar oefen ook druk uit. Vergeet niet dat er regelmatig verkiezingen zijn waarop je kunt duidelijk maken dat het moet veranderen. Straf de partijen af die niets willen ondernemen en beloon de partijen die het wel goed menen.
TIPS CONSUMINDEREN:
- Vergelijk het verbruik van producten bij hun aankoop. Heel wat toestellen zien er geweldig uit, maar dat kan je ook stellen van hun energieverbruik. Soms zijn er ook heel zuinige alternatieven. Soms heb je ook gewoon die leuke toestellen niet nodig. Vaak hebben mensen spijt van een aankoop.
- Moet het echt altijd met een stekker? Je kunt je die vraag heel vaak stellen. Hebben we echt nood aan een elektrische tandenborstel of een elektrische mop om de grond te vegen?
- Zijn we gelukkiger als we veel voorwerpen bezitten? Misschien zijn we op den duur ongelukkiger, want regelmatig gaat er wel eens iets stuk en geeft dit alleen maar aanleiding tot frustratie.
- Kennen we onze omgeving nog? Veel mensen kennen bepaalde streken in Thailand beter dan de straat om de hoek. Nochtans is het heel wat te beleven in je eigen buurt. Het is enkel kwestie van vindingrijkheid en een beetje zoeken.
- Door gebruik te maken van veel elektronische gadgets valt er iets anders (en heel belangrijk) weg, namelijk sociaal contact. Een uurtje op een PC is zo voorbij maar hierdoor verwaarlozen we ons gezin, familie en vrienden. Een gezellig etentje kan nochtans deugd doen.
- Probeer terug zelf te koken. Het is een zeer ontspannende bezigheid na een drukke dag. De geuren van verse voeding en de pruttelende potjes zijn een feest voor neus, tong een oog.
- Kies voor zoveel mogelijk verse producten, die ook streekgebonden zijn. Lokaal gekweekte groenten zijn niet alleen beter voor het milieu, maar ook voor de plaatselijke economie. Kies ook voor biovoeding. Je lijf zal je dankbaar zijn.
- Let op met de media (kranten, tv, etc). Het zijn dé kanalen bij uitstek waar men reclame maakt voor nutteloze en fris ogende gadgets. De media geven je ook vaak het gevoel dat je er niet bij hoort als je niet in het bezit bent van een bepaald voorwerp of dienst. Nochtans draait het hier helemaal niet om.
- Stel een budget op waar je niet wenst over te gaan qua aankopen van gadgets. Stel het budget scherp genoeg in. Je zult automatisch gaan vergelijken en je ook afvragen of je werkelijk beter wordt van het aangekochte voorwerp. Wees kritisch en kijk niet alleen naar de voordelen maar ook naar de nadelen.
- Ga nooit winkelen met een lege maag, anders ga je veel impulsaankopen doen, zeker wat voeding betreft.
- Maak een boodschappenlijstje op van alles wat je nodig hebt en hou je daaraan, zonder eerst nog alle rekken af te lopen en weer te vervallen in de aankoop van nutteloze goederen of producten.
- Neem de kinderen niet mee naar de winkel als het kan. Je gaat sneller door de winkel heen en het risico is kleiner dat je geen prullaria (aan de kassa) moet kopen voor de kinderen.
- Ga ook eens kijken in een kringloopwinkel of je geen spullen kunt vinden om ze een tweede leven te geven. Sommige artikelen zijn nog in quasi nieuwe staat en kan je kopen voor een prikje. Ook op rommelmarkten zijn soms gouden zaken te doen.
- Leg jezelf een structuur op, zodat je niet verzeild geraakt in ganse dagen TV kijken. Neem tijd voor sport, koken, het gezin, poetsen, familie en vrienden… TV zit vaak gevuld met heel wat nutteloze programma’s en veelvuldige herhalingen. Bovendien verbruikt uren TV-kijken op jaarbasis heel wat elektrische energie en maakt het ons asocialer.
TIPS FIETS:
- Neem voor de korte afstanden de fiets. Afstanden tot 15km zijn nog goed met een fiets te overbruggen. Voor de zeer korte afstanden (maximaal 2 kilometer) kan je ook opteren om te voet te gaan, alhoewel de fiets hier ook voor geschikt is.
- Zoek via een goede routeplanner de beste route, zodat je afstand het kortst is. Je kiest best voor de “kortste route” en niet voor de “snelste route”, aangezien deze laatste eerder geschikt is voor de auto.
- Vermijd drukke wegen of wegen met slechte of geen fietspaden. Er zijn vaak veel leuke boerenwegjes waar je gebruik kunt van maken. Hier mogen vaak enkel landbouwvoertuigen en fietsen komen.
- Overbelast je lichaam niet door in ongetrainde toestand plotseling grote afstanden af te leggen. Opbouwen is de kunst. Begin met korte afstanden. Je kunt uit veiligheid ook eerst contact opnemen met je huisarts indien je in het verleden hart-en vaatziekten hebt gehad of aan serieus overgewicht lijdt (BMI meer dan 35). Het kan interessant zijn om je fietservaring te koppelen aan gezonde voeding. Een bezoek aan een diëtist kan helpen.
- Kies de juiste fiets voor de juiste opdracht. Wie enkel in de stad gaat fietsen heeft geen boodschap aan een MTB. Mensen die daarentegen boerenwegjes opzoeken kunnen deze aankoop overwegen. Vergeet niet dat een MTB iets minder soepel over de weg gaat dan een racefiets of stadsfiets. Vooral het grove profiel van de dikke banden van een MTB zorgen voor een hogere rolweerstand en dus meer kracht dat je moet ontwikkelen.
- Volg het weerbericht en maak gebruik van gepaste kledij. Bij fel regenweer kan je opteren voor de auto of het openbaar vervoer. Je kleden voor de koude is geen probleem. Een extra dikke trui kan hier wonderen doen. Let op dat je ook beschikt over winddichte kledij, aangezien dit op een fiets het grootste probleem is. Een warme trui stelt niets voor als de wind erdoor blaast.
- Kijk elke maand de bandenspanning van je fiets na en smeer regelmatig de ketting. Het zal de levensduur van de ketting verhogen. De bandenspanning van een MTB is gemiddeld 3 à 4 bar druk, een stadsfiets 5 à 6 bar en een racefiets mag tot 8 bar gaan.
- Wees niet te zuinig bij de aanschaf van een fietskar (een kar die je met de fiets voorttrekt en waar je de kinderen mee kunt vervoeren). Er zijn grote verschillen in kwaliteit. Goedkope merken bieden veel minder comfort. Bovendien is het demonteren van deze goedkope modellen veel omslachtiger.
- Je moet de fietskar niet wegdoen als de kinderen groter zijn geworden. De kar kan je namelijk nog goed gebruiken om je boodschappen in te vervoeren. De duurdere modellen stellen je ook in staat om dit te doen, aangezien de zetels kunnen plat gelegd worden, zoals in een auto.
.
Hier volgen nog enkele fietskartips: - Om de fietskar te kunnen trekken moet je toch wel wat oefenen. Het is zinvol om recreatief te starten en dan het woon-werkverkeer te doen met de fietskar. Zo heeft je lichaam toch de tijd om zich aan te passen.
- Het is belangrijk om te beseffen dat je algauw (met 2 kinderen en bagage) tussen de 50 en 60kg meesleurt. Je kunt dit een beetje vergelijken met iemand die aan je fiets trekt. Vooral bergop kan dit aardig tegenvallen. Ga er dus ook vanuit dat je niet de snelheid zult (kunt) halen die je normaal aan kan met een gewone fiets (zonder bagage).
- Probeer (als de verkeerssituatie het toelaat) om zoveel mogelijk je bochten groot te nemen. Een fietskar vergroot toch enigszins je draaicirkel. Hoe daar rekening mee, naar andere fietsers en weggebruikers toe.
- Aangezien een fietskar zorgt voor meer massa, wordt je fiets uiteraard zwaarder belast. Tijdens de klim kan je best een kleine versnelling draaien om jezelf, maar ook de fiets enigszins te ontlasten. Vergeet niet dat er grotere krachten op de fietsketting komen.
- Ga niet te snel in de afdalingen. Met dat extra gewicht kan je in afdalingen meer vaart maken, maar je remafstand gaat ook vergroten. Hierdoor zou je in een situatie kunnen terecht komen waarbij je niet meer tijdig kunt stoppen.
- Ga voor fluo! Zorg dat je blitse felle kleuren draagt (ook de helm), zodat de andere weggebruikers je beter zien. De meeste fietkarren hebben ook al felle kleuren, zoals knalgeel achteraan (afhankelijk van het merk).
- Zorg dat de fietskar bij duister ook voldoende verlicht is, zeker achteraan. Een goed zichtbaar rood licht (werkt met batterijen) is vaak de beste optie!
- Kies bij de aanschaf van een fietskar voor een type met een snelkoppeling. Op 2 seconden kan je dan je fietskar aan je fiets vastmaken. Wij hebben trouwens op elke fiets een speciale trekhaak bevestigd (speciaal voor de fietskar), waardoor we in een handomdraai de kar aan de andere fiets kunnen hangen. Zo kan je bij lange ritten eens afwisselen.
- Hou bij het oversteken rekening dat dit meer tijd vraagt, aangezien je meer tijd nodig hebt om op snelheid te komen. Vergeet ook niet dat achter je fiets de kar hangt, zodat je niet alleen jezelf in veiligheid moet brengen, maar ook de kar achter je. Even “vlug” tussen rijden kan dan gevaarlijk zijn.
- Het is zinvol om het vliegennet altijd te sluiten als je fiets. Zo vermijd je dat de kinderen geplaagd zitten met insecten en smurrie die van je banden af vliegt.
- Zorg voor wat speelgoed in de kar, zodat de kinderen zich niet vervelen in de kar.
- Kies bij de aankoop van een fietskar voor een type waarbij je de trekstang kan vervangen door een voorwieltje. Hierdoor kan je de kar in een handomdraai omtoveren tot kinderwagen. Zeker handig om mee op reis te nemen.
- Bij koud weer kan je je kinderen instoppen onder een dekentje. De kinderen zitten stil, terwijl jij aan het zweten bent. Hou daar rekening mee!
- Test de fietskar volledig uit vooraleer je ermee op avontuur gaat. Probeer alles goed uit, zoals het demonteren om makkelijk in de auto mee te nemen, etc.
- Maak gebruik van software (zoals Google Earth) om op voorhand je route uit te stippelen. Zo kom je minder snel voor verrassingen te staan. Ook kan je op die manier de veiligste route uitzoeken.
- De meeste fietskarren hebben eveneens een koffertje achteraan. Dit biedt meestal voldoende ruimte voor een grote boekentas of computertas, of 2 kleine kindertassen. Vergeet niet dat je zulke koffer niet kunt sluiten, dus laat daar nooit waardevolle spullen in rondslingeren.
- Let op dat je met de fietskar geen doorgangen versperd. De kar neemt soms een ganse breedte van een trottoir in beslag.
.
Hier volgen nog enkele fietstips: - Hou er rekening mee dat er 4 seizoenen bestaan. Dit wil zeggen dat je voor het fietsen best verschillende kledij ter beschikking hebt. Een rugzakje is handig om die seizoensspullen in op te bergen als je op het werk aankomt.
- Zo is luchtige kledij aan te raden bij warm weer en kan je best beschikken over een sportieve zonnebril met antislip, aangezien je bij het zweten een gewone zonnebril sneller zult zien afglijden.
- Tijdens de herfst is neerslag het belangrijkste probleem. Goede regenkledij is dan belangrijk. Je bent dan best in het bezit van een regenjas en broek, die over de gewone broek gaat. Spatborden op een fiets zijn eveneens een must. Veel MTB hebben geen spatborden. In dat geval kan je beter opteren voor spatborden die je kunt op de fiets klikken.
- In de wintermaanden zijn vooral de lage temperaturen die parten spelen. Een zweetbandje of oorverwarmer kan je dan dragen over de oren. Vergeet ook geen handschoenen te dragen.
- De meest gevaarlijke blessure op een fiets is aan het hoofd. Ookal brengt het sommige mensen hun haar in de war, toch is het altijd zinvol om een fietshelm te dragen. De hoofdletsels zullen aanzienlijk minder erg zijn. Bovendien hebben veel helmen flashy kleuren, waardoor je door de automobilisten beter wordt opgemerkt. Je kunt ook opteren voor een helm met klepje vooraan. Hierdoor gaat de zon niet zo hinderlijk zijn en gaat regen niet in je ogen slaan.
- Koop een broekspeld of riempje. De broekspijp aan het rechterbeen heeft vaak de neiging om in de ketting te grijpen. Hierdoor kan je je broek stuk doen of toch ten minste besmeuren. Een riempje houdt de broekspijp strak samen en voorkomt dit. De meeste nieuwe riempjes hebben ook een extra fluoriserende strip.
- Wie voor verlichting gaat zien voor de fiets, kan er beter rekening mee houden dat er voor het licht vooraan 2 soorten verlichting bestaan; eentje om gezien te worden en eentje om ook te kunnen zien. De laatste zijn iets duurder, maar je kunt er wel de onverlichte wegen mee verlichten, waardoor je ook op donkere fietsroutes beter zicht hebt. Het spreekt voor zich dat deze verlichting ook beter wordt opgemerkt door automobilisten.
- Let op met wandelaars met honden. Veel honden zijn niet aan de leiband en lopen vaak rond op fietspaden (waar ze niet thuis horen). Zo hebben we op het nippertje een hond niet doodgereden. Eventjes bellen (op voorhand) gaat het baasje verwittigen. Toch zijn er dan nog baasjes die niets ondernemen, maar het merendeel neemt dan toch de hond bij zich.
- Probeer vooral de juiste cadans aan te houden. Wie op de snelheidsmeter kijkt en kost wat kost een bepaalde snelheid wil aanhouden, zit er snel door. Je kunt beter je trapritme aanhouden en schakelen totdat je je ritme terug vindt. Dit rijdt veel soepeler en maakt dat je grotere afstanden kunt overbruggen. Een hulpmiddeltje is om in je hoofd mee te tellen (21 – 22 – 23 – 24 – 21 – 22 – 23 – 24 – 21…). Elk getal dat je normaal uitspreekt is één omwenteling van je as.
- Rij nooit met een volle maag op een fiets of vlak nadat je veel en vettig hebt gegeten. Ook alcoholconsumptie gaat je lichaam op de fiets niet in dank afnemen. Niet zelden hebben we stramme benen de dag na een avondje met voldoende alcoholische drank. Neem wel voldoende water mee. Van het ogenblik dat je jezelf voelt zweten, zou je al moeten bijdrinken.
- Help mekaar als je in groep bent. Diegene die de fietskar trekt rijdt achter de persoon zonder balast. Deze persoon zit dan de fietser met de fietskar uit de wind, waardoor die ook makkelijker kan fietsen. Ben je met verschillende fietsers in een peloton, dan kan je ook afwisselend aan kop rijden om de inspanningen te verdelen. In wielerwedstrijden wordt dit ook gedaan.
- Hou rekening met een maximumsnelheid van 20km/h zonder fietskar en 15 km/h met fietskar. In deze snelheden zit ook het tijdsverlies verwerkt dat je hebt om te wachten aan verkeerslichten. Met een gewone fiets (zonder extra belasting) wil dit zeggen dat je ongeveer een half uurtje nodig hebt voor 10km, terwijl je drie kwartier nodig hebt om diezelfde 10km af te leggen met een fiets en fietskar. Zoek dus eerst eens grondig op welk dat het traject is dat je gaat rijden en wat de totale afstand is. Google Maps kan je daarbij prima helpen.
- Kijk ook bij een fiets maandelijks de bandenspanning na. Te platte banden zorgen voor meer rolweerstand en hierdoor moet je meer kracht doen. Sterk opgepompte banden voelen dan weer hard aan, waardoor je elke oneffenheid in de weg voelt. Kijk op de band zelf na welke druk je mag plaatsen. Het is dan ook handig als je een fietspomp hebt die de druk met een metertje laat zien.
TIPS GEZOND WONEN:
- Hou de luchtkwaliteit op peil door regelmatig te verluchten. Gebruik ook geen producten die sterke geuren afgeven zoals geurkaarsen, luchtverfrissers etc. Al deze producten bevatten VOS of PAK’s en zijn bijgevolg ongezond.
- Kies voor elektrocutie van insecten. Het is onschadelijk voor de mens en je maakt bovendien geen vlekken bij het verwijderen van de beestjes. Herbiciden en pesticiden zijn in de tuin al slechts, binnenshuis zijn deze producten ten zeerste af te raden.
- Kies voor biologische reinigingsproducten (zoals Ecover). Ze kosten niet meer dan traditionele producten maar hebben geen impact op je gezondheid en het leefklimaat binnenshuis.
- Kies voor de juiste verlichting op de juiste plaats. Daglicht is altijd het best, maar als het niet anders kan kies je best voor kunstverlichting van het lichtstraler-type. Werk zoveel mogelijk met lichtpunten op de plaats waar het nodig is en nier voor gecentraliseerde verlichting.
- Er zijn simpele trucjes om geluidsoverlast enigszins aan te pakken. Tapijten, vinyl, en de juiste muurbekleding kan al een eind helpen. Akoestische beglazing is bij druk verkeer interessant maar gaat niets doen tegen burenlawaai. In dat laatste geval moet je structurele werken uitvoeren.
- Gebruik apparaten die straling produceren met mate. Hou voldoende afstand van een werkende magnetron (Microgolfoven). Gebruik je GSM EN draadloze telefoon (DECT) zoveel mogelijk handenvrij. Indien dit niet kan, hou het gesprek dan zo kort mogelijk.
- Energie besparen is goed, maar let op dat hierdoor de voedselveiligheid niet in het gedrang komt. Je mag nooit de temperatuur van een koelkast of diepvriezer bijstellen om energie te besparen zonder te kijken wat de gevolgen zijn op het voedsel. Een temperatuur van -18°C is echt wel noodzakelijk bij een diepvriezer. Voor een koelkast is dit 4°C. Voedsel dat te snel bedreft is ongezond en is ook een grote belasting voor het milieu. Het kostbare eten wordt dan namelijk niet benut, terwijl er heel wat energie in voedsel zit (kweken, transport etc).
- Maak spinnen niet dood maar doe ze buiten waar ze hun nut nog kunnen bewijzen.
- Zorg dat de temperatuur van het warm water op een gegeven ogenblik boven de 60°C is geweest. Vanaf dat moment maakt de legionella-bacterie geen kan meer. In de douche en bad ga je natuurlijk de temperatuur begrenzen om brandwonden te vermijden.
.VEILIG WONEN
Heel wat gevaren in huis zijn vaak ook onecologische producten. We zijn eens gaan kijken in statistieken waar de grootste risico’s te vinden zijn in een woning, en wat blijkt? Elektriciteit is bijna altijd de oorzaak van woningbrand. Hier volgen enkele tips om niet alleen ecologischer te leven, maar ook veiliger: - Gebruik zoveel mogelijk lichtstralers en zo weinig mogelijk warmtestralers om je kamers te verlichten. Dit wil zeggen dat je beter gloeilampen én halogeenlampen vermijd en gebruik maakt van LED-verlichting en spaarlampen. LED-verlichting blijft trouwens ijskoud, zelfs na een ganse dag branden. Een spaarlamp kan lauw tot warm worden, maar nooit zo heet dat je je eraan kunt verbranden. Halogeenlampen zijn bijzonder gevaarlijk, aangezien de glasscherven, indien ze in contact komen met brandbare materialen, brand zullen veroorzaken. Het is daarom dat nieuwe halogeenspotjes bijna altijd worden uitgevoerd met een veiligheidsglas ervoor. Maar er zijn nog heel wat soorten halogeenspotjes zonder bescherming. Kom je bovendien in contact met het veiligheidsglas van de halogeenspot, dan zal je nog altijd brandwonden hebben, die vaak tweede graad zijn of zelfs erger. Dus LED en spaarlampen zijn niet alleen veel zuiniger, ze zijn ook veel veiliger.
- Kies voor spaarlampen met beschermingsglas eromheen, zeker als je in contact kunt komen met de spaarlamp. Dit is niet zozeer om brandwonden te vermijden, want daarvoor zijn de temperaturen veel te laag, maar om een breuk van de spaarlamp te vermijden. Er komen dan kwikdampen vrij en er is kans op snijwonden, die door de chemische stoffen moeilijker genezen. Een spaarlamp met omhulsel hebben deze risico’s niet. Je kunt natuurlijk ook altijd opteren voor groene spaarlampen, waarbij het gevaarlijke kwik is vervangen door Amalgaan.
- Niet alle vormen van bijverwarming zijn onschuldig. Een pelletkachel of haard met aansluiting op een schouw kan je als veilig beschouwen, een petroleumkacheltje is dat in geen geval. Niet alleen is het milieuonvriendelijk, er is ook een groot risico op CO-vergiftiging. Hetzelfde kan je zeggen voor gasgeisers. Een elektrische directe bijverwarming is niet alleen energieverslindend en milieuonvriendelijk, het is ook duur in gebruik en wordt vaak in een domino-stekker gestoken, waardoor de elektrische kring waar het op aangesloten is, gaat begeven, met mogelijk een brand als gevolg.
- Gebruik toestellen die zuinig zijn. Het stroomverbruik zal lager liggen, waardoor je ecologischer bezig bent, maar de kans op brand is ook kleiner. Indien je toch heel wat apparaten aan een haspel moet hangen (rol met elektriciteitsdraad erop), rol dan de kabel volledig uit, zodat deze kan afkoelen door natuurlijke ventilatie. Heel was haspels zijn ondertussen voorzien van een thermische beveiliging.
- Als je wilt overschakelen op een gasfornuis (om zuiniger te kunnen koken), let er dan op dat je een fornuis neemt MET thermokoppel. Indien de vlam uitgaat (door een sterke windstoot of overkokende vloeistof), dan wordt de toevoer van de aardgas (aan die gasbek) automatisch afgesloten. Ook als je de gasknop per ongeluk opent, zal de gastoevoer automatisch worden afgesloten. Hierdoor verminder je drastisch te kans op een gasontploffing. Het is ook altijd handig om sowieso één of meerdere brandblusapparaten in huis te hebben, en een branddeken in de keuken.
- Kook altijd met de dekseltjes op de potjes. Het bespaart niet alleen energie, maar hierdoor is er ook minder kans op brandwonden door hete spatten die op je huid komen. Wel altijd opletten dat het vuur dan niet te hoog staat, zodat sauzen of andere vloeistoffen kunnen overkoken!
- Poets, reinig, was etc met biologische producten. Indien kinderen in contact komen met biologische producten is de kans veel kleiner dat er vergiftiging zal optreden. Elk jaar nog gebeuren er veel ongevallen met kinderen en chemische producten in huis. Ook voor het ontkalken van toestellen kan je evengoed beroep doen op azijn in plaats van chemische stoffen om te ontkalken.
- Minder energievreters of toestellen die stroom vereisen wil ook zeggen dat er minder kabels over de grond slingeren, waardoor het gevaar op valpartijen over deze kabels veel lager is. Stofzuigen kan je ook vervangen door te werken met een veger. Niet alleen verbruikt het geen energie, er is ook geen stroomsnoer op de grond aanwezig.
- Maak gebruik van stralingsarme toestellen (zoals een eco-dect draadloze telefoon). Het verbruik en de straling ligt tot 80% lager.
- Laat nooit toestellen aan staan als je niet in de buurt bent. Ook stroomadapters (bvb van GSM) worden warm, ookal hangt er geen toestel meer aan. De nullast wordt toch nog omgezet in warmte. Maak desnoods gebruik van een schakelblok om toestellen uit te schakelen. Je gaat niet alleen het gevaar op brand sterk verlagen, maar ook minder energie verkwisten.
- Probeer je tuin zo biologisch mogelijk te houden. Maak gebruik van natuurlijke vallen en gebruik natuurlijke producten, zodat je niet zit opgescheept met allerhande gevaarlijke insecticiden en herbiciden.
- Een laptop is niet alleen zuiniger dan een vaste pc. Je kunt hierdoor ook dichter bij je kinderen vertoeven en ze beter in de gaten houden terwijl je toch kan werken.
- Gezondheid primeert natuurlijk boven ecologie. Zorg er daarom voor dat de temperatuur van de koelkast nooit te hoog is, anders zijn er besmettingsrisico’s. Indien je ook kipproducten in de koelkast bewaard, zou het maximaal 4°C mogen zijn. Een diepvriezer moet altijd -18°C zijn (of kouder). Zorg er voor dat ijsvorming voldoende vaak wordt verwijderd, zodat de toestellen met een minimale hoeveelheid energie hun temperatuur kunnen bereiken. Supergeïsoleerde toestellen (A+ en nog beter) gaan ook langer hun temperatuur vasthouden, zodat er bij een stroompanne minder risico is op voedselbederf.
- Tot slot nog dit. Iets frituren kost veel energie, is niet bepaald gezond en houdt veel risico’s in op gebied van brandwonden en woningbranden! Vergeet ook niet na het frituren om de frietketel uit te trekken. Je kunt dit al zelfs 5 minuten voor het einde doen, aangezien de olie(of het vet) nog voldoende warmte afgeven. Let er ook op dat de temperatuur van de olie nooit boven de 180°C komt, aangezien er anders kankerverwekkende stoffen worden gevormd. (Info hierover ontvangen op bijscholing door Prof. dr. E. Van Schoonenberghe).
TIPS AFVAL:
- Wie gaat consuminderen gaat ook minder afval produceren.
- Kies voor producten die niet of nauwelijks verpakt zijn.
- Breng je eigen verpakking mee naar de winkel.
- Zorg voor een goede recyclage, waardoor het restafval tot een minimum wordt beperkt.
- Denk bij GFT niet alleen aan de grote groene bak, maar ook eens aan een kip, composteren of fermenteren.
- Je kunt de PMD-fractie beperken door glazen flessen te gebruiken met statiegeld en brooddozen om het gebruik van aluminiumfolie te beperken.
- Kies voor minder reclamefolders. Het zal je papierberg drastisch doen dalen. Herbruik ook papier door het aan de achterzijde te beschrijven als kladpapier. Kies ook voor gerecycleerd papier. Het is misschien niet zo wit, maar wel een pak milieuvriendelijker.
- Werk meer met biologische producten, zodat je niet geconfronteerd wordt met een grote hoeveelheid KGA (Klein Gevaarlijk Afval).
- Kies voor heroplaadbare batterijen om je hoeveelheid KGA te beperken.
TIPS HUURWONING:
- Spaarlampen en LED-verlichting zijn een forse besparing voor je elektriciteitsfactuur.
- Het kookfornuis kan je niet vervangen als het elektrisch is. Koken op gas is prima, elektrisch is natuurlijk minder interessant. Kook in ieder geval met de deksels op de potten en pannen en gebruik waar het kan een drukkookpan.
- Leg op het plafond van de zolder glaswolrollen die mooi aan mekaar aansluiten. Bij verhuis kan je ze trouwens terug meenemen naar je nieuwe woning.
- Enkele beglazing kan je te lijf gaan met speciale folie erop te plaatsen. De folie (Luxafoil) kan je op maat snijden en wordt met water op de ruiten bevestigd. Ook dit gaat koude en warmte reflecteren en dus voor betere energieprestaties zorgen. Je kunt het ook bij verhuis weer van de ruiten doen. Meer info op http://www.luxafoil.eu/
- Maak gebruik van dikke gordijnen die je sluit, zodat de koudestraling niet in de kamer kan binnendringen. Je kunt best gebruik maken van gordijnen met extra voering.
- Plaats reflecterende radiatorfolie achter alle radiatoren. Maak desnoods gebruik van dubbelzijdige kleefband, zodat je de folie bij verhuis kunt meenemen. Je kunt ook de folie op een vezelplaat lijmen en deze dan achter de radiator plaatsen.
- Kijk bij de aanschaf van nieuwe elektrische toestellen dat ze voldoen aan het A-label of beter nog, A+ of A++. De aanschafprijs mag dan wel duurder zijn, de toestellen besparen wel veel energie. Zo kan je ook beter opteren voor een laptop in plaats van een vaste PC als je een nieuw toestel wilt aanschaffen. Voor de prijs moet je het zeker niet doen, maar het verbruik ligt gemiddeld 4x lager.
- Controleer de spleten onder de buitendeuren en maak gebruik van tochtstrips. Je kunt best werken met tochtstrips van Tesa, aangezien je ze ook gemakkelijk kunt demonteren zonder schade. Surf naar http://groenhuis.org/?p=851 voor meer uitleg. Je kunt bijkomend ook nog een tochthond aan elke deur leggen. Maar opgelet, een afdichting zoals de Tesa Moll is echt wel effectiever!
- Wil je het echt knus en gezellig in de woonruimte, dan kan je ook gebruik maken van een bio-ethanol-haard. Deze hebben geen schouw of uitlaat nodig en moet je dus enkel in de kamer plaatsen. Ook dit is weer mee te nemen bij verhuis. In de rubriek “verwarming” geven we meer uitleg over bio-ethanol-kachels.
- Kijk eens welke vloerbekleding je woning heeft. Komt er veel koude winnen langs de vloer (kruipkelder of gewone kelder), dan kan het zinvol zijn om te kiezen voor een warme vloerbekleding. Hierbij denken we aan tapijt, vinyl of laminaatparket. Gewone tapijten (onder de eettafel, onder de salontafel) zullen ook al heel wat koude tegenhouden en het koudegevoel aan de voeten vermijden. Kies in ieder geval voor tapijten met een afmeting die groot genoeg is, zodat ze zoveel mogelijk vloeroppervlak bedekken.
- Koop isolerende folie (die onder laminaatparket wordt geplaatst) om onder je tapijten te schuiven. De tapijten bedekken de folie, maar je gaat nog minder verliezen hebben.
- In een kruipkelder of gewone kelder kan je ook het plafond (onderzijde van de vloer) gaan isoleren met bijvoorbeeld glaswol. Maak eveneens gebruik van dubbelwandige tape om de rollen isolatiemateriaal op het plafond van de kelder te bevestigen. Omdat kelders nogal vochtig zijn is het aan te raden om gebruik te maken van isolatiemateriaal dat vochtbestendig is, zoals glaswol.
- Sluit keldergaten en andere openingen in je woning met uitgesneden PUR-schuim-platen. Ze houden de tocht buiten en maken de kans kleiner dat er in kelders leidingen of kranen bevriezen.
- Maak gebruik van cocoonmaatregelen, dit wil zeggen een extra dekentje in de zetel als je naar TV kijkt, knus in bed naar TV kijken, en natuurlijk niet vergeten om een trui te dragen bij dit weer, ook binnen, en uiteraard pantoffels, want koude voeten geven snel een koudegevoel.
- Laat niet onnodig de dampkap (afzuigkap in de keuken) draaien, aangezien deze de warme binnenlucht naar buiten blaast. Je kunt deze trouwens een stand lager zetten als er geen zware dampen worden geproduceerd.
- Er zitten tussen onze tips nog tal van punten die je ook in een huurwoning kunt toepassen. Het is dus best mogelijk om in elke woning toch wat energiestappen te ondernemen.
- Het kan nooit kwaad om te onderhandelen met je huisbaas. Overloop desnoods samen met je huisbaas alle mogelijke premies op http://www.premiezoeker.be/ en kijk of er toch geen dingen kunnen worden uitgevoerd. Vooral enkele beglazing en een gebrek aan dakisolatie en muurisolatie zijn eigenlijk immoreel en ontoelaatbaar. Een zichzelf respecterende huisbaas zal minstens deze stappen zetten.
TIPS VOEDING:
- Denk na over je voeding. Kritisch zijn is de eerste stap naar een betere voeding.
- Lees aandachtig de verpakking. Je komt veel te weten over de energetische waarde, de herkomst enz.
- Ga voor seizoensgroenten en seizoensfruit. Aardbeien in putje winter zijn helemaal niet ecologisch. Transport en/of stookkosten swingen de pan uit.
- Kweek zoveel mogelijk je groenten zelf. Een eigen moestuin geeft je ook meer voeling met de natuur. Transportkosten zijn gelijk aan nul.
- Ga voor biologische voeding. Geen kunstmest, geen pesticiden, … maar kies voor biologische oplossingen.
- Kies voor groenten en fruit uit de regio. Liefst geen kiwi uit Nieuw-Zeeland.
- Kijk of je niet eens kunt afwisselen in je voeding. Dus in plaats van elke dag vlees of vis te eten eens een dag inbouwen met vegetarische voeding. Dit afwisselend eten is typisch voor een flexitariër. Je kunt natuurlijk ook elke vorm van vlees en vis afzweren en kiezen voor een vegetarische levensstijl.
- Plaats kippen in je tuin. Zij gaan al je groen-en keukenafval verwerken én eieren produceren. Samen met een composthoop zijn kippen de ideale groenverwerkers. Hierdoor moet je ook geen GFT-bak (Groenten, Fruit en Tuinafval) meer buiten plaatsen, waardoor je voor deze afvalfractie ook niets meer moet betalen. Met het DIFTAR-systeem komt GFT trouwens duurder uit dan restafval, aangezien het gewicht van deze afvalfractie veel hoger is.
- Breng je kinderen voldoende respect bij voor voeding. Zo is het NIET OK om voeding weg te gooien.
- Kies zoveel mogelijk voeding zonder verpakking. Uien, prei enz kan je perfect los meenemen. Dit hoeft echt niet in een plastic zakje.
- Ga voor eerlijke handel in voeding. Bij voeding heb je veel meer keuze in producten met een eerlijke handel. Zo worden lokale projecten in andere landen gesteund. Elke grote winkelketen heeft meerdere fair-trade producten in de rekken liggen. Dit gaat van koffie, over honing, tot wijn, enz.
- Bak je eigen brood. Eenmaal je zelfgebakken brood (dagelijkse noodzaak) gewoon bent, wil je echt niet meer terug. Wij bakken 3 broden gelijktijdig, waardoor we de overschot in de diepvriezer kunnen opbergen voor later gebruik. Geen afval en altijd vers brood binnen handbereik.
- Probeer grotere aankopen van voeding te doen en dan het voedsel veilig op te bergen (in een vriesvak). Hierdoor kan je het aantal autoritten naar de winkel beperken. Grote hoeveelheden kopen is economisch ook gunstiger, aangezien je meer korting kan krijgen.
- Ga terug zelf achter de potten en pannen staan. Er is geen therapie die meer relaxerend is (in een wereld waar alles vlug moet gaan) dan koken in een keuken.
- Gooi de overschotjes niet weg, maar bewaar ze voor verwerking in een ander gerecht of om mee te nemen met de boterham (de dag nadien).
- Al het groenafval en keukenafval in de tuin kan je perfect composteren, om zodoende op een natuurlijke manier je moestuin te bemesten.
- Het is heel leuk om in je eigen tuin fruitbomen te planten en druivelaars te zetten. Zo hebben wij laagstammen van appels en peren en ook verschillende druivelaars. En elk jaar levert dat heerlijke appels en peren op en van de druiven maken we (naar oude gewoonte) onze eigen wijn. (in 2008 was dat 34 liter).
- Wie zelf eten klaar maakt kan al eens vaker experimenteren met alternatieve voeding. Zo is het eenvoudig om vlees te vervangen door vegetarische alternatieven.
- Je kunt de kinderen betrekken in het kookproces, door ze mee achter de potten te laten staan. Zo krijgen ze ook respect voor voeding en lusten ze ook veel sneller datgene wat ze zelf hebben klaargemaakt.
- Wie zelf zijn/haar voeding klaarmaakt weet ook veel beter wat er precies allemaal in zit. Zo kan je ook beter letten op de hoeveelheid suikers, vetten en zout. Zelf koken is de eerste stap naar een succesvol dieet. Voorverpakte voeding is de ideale formule om snel aan te komen.
